Hester Knibbe

Hester Knibbe schreef in 2015 en 2016 stadsgedichten voor Rotterdam. Ze dichtte onder andere voor verlaten kunstwerken, stadstuinen op wolkenkrabbers, de manifestatie 'Rotterdam viert de stad!' en voor asielzoekers en bewoners van de Beverwaard. Alle stadsgedichten die Hester schreef zijn gebundeld en na te lezen in een gratis te downloaden e-book of terug te vinden op deze pagina. 

2015

Lossen en laden

Bij haar installatie als Stadsdichter van Rotterdam door wethouder Adriaan Visser in het Bibliotheektheater, droeg Hester haar eerste stadsgedicht voor. "In Lossen en laden" laat ze een containerschip aan het woord.

LOSSEN EN LADEN

men sleept mij pront de haven in, altijd
applaus, er wordt op mij gewacht: ik breng

een gouden vracht. waaruit dat goud bestaat? mij
boeit het niet, fruit brandstof huisraad of iets

clandestiens – mijn naam is haas, maar op de boeg staat sierlijk Ping Meiying Hendrika Fatima; ik strek

mijn rug en draag. mijn komst past in het dichtwerk aanbod-vraag compleet met rijm en ritme van het tij.

straks meer ik aan en word gelost, wacht
weer op nieuw gewicht, vaar dan het zicht uit

mijn bestemming achterna. of men mij
uitzwaait? ach, iets waait en drijft mij uit.

Nog lange niet

In mei schreef Hester Knibbe ter gelegenheid van de Nationale Dodenherdenking en de herdenking van het bombardement van Rotterdam op 14 mei 1940 twee nieuwe stadsgedichten. Op 4 mei droeg ze in de Laurenskerk het stadsgedicht "Nog lange niet" voor ter gelegenheid van de Nationale Dodenherdenking. Dat deed ze in aanwezigheid van burgemeester Aboutaleb.

NOG LANGE NIET


Het grote getal is het grote getal.
Vergeet het voor even, neem één of twee
namen die op een plaquette of muur staan

bijvoorbeeld. Verzin bij zo’n naam
een gezicht, kijk dat in de ogen. Wat je dan
ziet is een sterveling die zich een leven voorstelde

dat langer zou duren. Wat je ziet is een mens
die nog lange niet loslaten wil, met angst
die onder het middenrif kruipt, een mond

die iets fluistert. En je hoort als je luistert
de echo misschien van een sober verhaal over
passie hachie plicht. Dat het leven

juist zou beginnen, zegt het jongste gezicht. 

Requiem voor een stad

Voordrachten van het indrukwekkende stadsgedicht "Requiem voor een stad" hield ze op 14 mei de bij de herdenking van het bombardement van Rotterdam op Plein 1940 en bij de onthulling van de nieuwe entree van het Museum'40-'45 NU.

REQUIEM VOOR EEN STAD

HET VIEL UIT DE LUCHT
EN VERBRANDDE HET HART.
TOEN HET VUUR WAS
GEDOOFD

DE LEVENDEN UIT HUN
SCHUILPLAATSEN
KROPEN, VERBAASD
VERSCHRIKT DE GEBLAKERDE

RESTEN BEZAGEN MET
DAAR IN ZOMAAR GIRAF
ZEBRA, ANDERE DIEREN
DIE ZE OOIT ACHTER
HEKKEN

HADDEN BEKEKEN EN DIE
NU IN DE SMEULENDE
LEEGTE HUN LIJVEN EN
POTEN VAN HIER NAAR
DAAR

BEWOGEN, GELUIDEN
MAAKTEN, HUN NEKKEN
UITSTAKEN, ZEIDEN ZE:
HET IS ROET HET IS AS
HET IS

WEG EN WEG KUN JE NIET
EVENTJES METEN
OF WEGEN, HET IS DAAR
EN WEEGT

VOOR DE REST VAN EEN 
LEVEN. IEMAND MOET
HET BEVEL HEBBEN
GEGEVEN - KIJK, KIJK

LOSGEBROKEN

DE BEESTEN!

Tuin met uitzicht

Ter ere van de Rotterdamse Dakendagen schreef Hester het stadsgedicht 'Tuin met uitzicht". Hester klom voor deze bijzondere samenwerking van Bibliotheek Rotterdam en de Rotterdamse Dakendagen in juni de daken op van een aantal gebouwen in de stad, waar ze Tuin met Uitzicht vanaf grote hoogte voordroeg.

Tuin met uitzicht

Ik heb mij hoger gesetteld
dan doorgaans, ben stapel op wolken
lucht en zo meer. Nee, nee ik kijk

niet op u neer, heb nog te veel
weet van gemodder, moeizaam
gewroet daarbeneden. Maar ik

hecht nu eenmaal sterk aan
het weidse, een buigzame wuivende
blik op het leven, wil een lusthof zijn

voor wie mij bestreden en een dag
voor degenen die bijna als mollen
onder mijn wortels schuilen

voor het extreme. Hier, boven en 
tussen de huizen, ontvang ik blijmoedig

eenieder met uitzicht, een zetel om 
genietend te zitten te kijken te lezen.

Zonder titel

Het ding, de gestileerde bloem, het treinongeluk. Allemaal bijnamen voor het beeld Z.T. (zonder titel) van Naum Gabo dat voor de Bijenkorf op de Coolsingel prijkt. De wereldberoemde sculptuur van 26 meter hoog werd er in 1957 geplaatst als onderdeel van de nieuwe Bijenkorf. Voor veel Rotterdammers symboliseert het de wederopbouw van de vernietigde stad. Bijna 60 jaar nadat het geplaatst werd is het beeld er slecht aan toe en lijkt niemand zich verantwoordelijk te voelen voor de restauratie. Dat zette Stadsdichter Hester Knibbe aan het peinzen. Met als resultaat: haar nieuwste stadsgedicht "Zonder titel". Knibbe droeg het gedicht voor tijdens de jaarlijkse monumentenlezing, in het teken van wederopbouwkunst.

Je lichaam, raar maar waar

Een stadsdichter is er voor alle Rotterdammers, dus ook voor alle Rotterdamse kinderen. Speciaal voor de Kinderboekenweek (7 t/m 18 oktober) schreef Stadsdichter Hester Knibbe daarom een nieuw stadsgedicht:  "Je lichaam, raar maar waar". Het gedicht is verspreid over meer dan 150 Rotterdamse basisscholen. Leerlingen van Daltonschool de Margriet in Blijdorp gingen bovendien grondig met het gedicht aan de slag. Ze dragen "Je lichaam, raar maar waar" voor in dit filmpje. Ook vroegen ze Hester Knibbe het hemd van het lijf in een exclusief interview.

2016

Poëzietram

In januari reed tijdens de Poëzieweek een echte Poëzietram door Rotterdam. Hiervoor schreef Hester Knibbe de volgende gedichtregel: "Wij zijn van ons verlangen de uitvinders".

Ode aan 010

In het 75 Verhalenboek zijn 75 verhalen van Rotterdammers gebundeld die de rode draad vormen in het programma van de culturele manifestatie Rotterdam viert de stad! Hester Knibbe schreef hiervoor "Ode aan 010", het openingsgedicht van dit boek. Zij droeg dit gedicht voor tijdens de kick-off van Rotterdam viert de stad! op het Schouwburgplein.

Ode aan 010

Rotterdammers. Sommigen weten nog
van die verwoesting, stapelden steen op
steen tot nieuwe huizen, winkelpanden en
hoge gebouwen, anderen vonden hier
later hun stek en houvast.

Rotterdammers. Een smeltkroes van kleuren
en standen, gabbers, rappers, klassiekaanhangers
huisvrouwen, zeelui, kantoorpikken, flikken
havenbaronnen, nachtkoninginnen
nachtburgemeester. Zelfs dat.

Rotterdam, waar het leven kruiert en rent
davert en luiert, tram metro wandelaars fietsers
LantarenVenster en Worm, Rotown De Doelen
broodbakker, winkel met delicatessen
luxe Markthal en voedselbank.

010, met haar eigen Brooklyn
en Euromast, haar 'rot toch op' en
'ik hou van jou', chique festivals en Krakatau,
beiaardier en straatmuzikant en die likkende
lokkende zang van de Maas.

010 is 010 is ................... Wat zeggie?

Kunst en Poëzie-route

Hester Knibbe stippelde een route uit langs bijzondere beelden in het centrum van Rotterdam die samen het verhaal van de wederopbouw vertellen. In de route nemen de Stadsdichter en kunstenaar Gyz la Rivière je mee langs deze beelden en dragen verschillende Nederlandse dichters gedichten voor die zij speciaal bij deze kunstwerken hebben gemaakt. De route is gratis beschikbaar via de Rotterdam Routes-app op tablet of telefoon.

Rotterdam brandt

Op 14 mei herdenkt Rotterdam het bombardement dat op diezelfde datum in 1940 bijna de gehele historische binnenstad verwoestte. Hester Knibbe schreef hiervoor het gedicht "Rotterdam brandt". Ze liet zich hierbij inspireren door het schilderij Brand van Rotterdam van Henk Chabot.

Rotterdam brandt

Wat ik zie tart het licht.
Het gaat schuil achter wolken
rook hellegloed roet, het gaat schuil
achter huiver die mij besluipt.

Ooggetuige van afstand, verbeeld ik mij
wat daarginds woedt, terwijl hier de daken
nog helder de weg nog begaanbaar
in de berm uitbundige meibloei. Dus

moet ik, dus pak ik mijn donkerste rood mijn okerste
oker, de kleuren van lente en nacht en

leg vast: langs de horizon
kruipt een lichterlaaie, brand
in de stad in het hoofd in het hart brand
in de verf op mijn palet brand, maar ik schilder
verzet me ertegen, kwast moord en brand
op het doek dat onder mijn hand
brand vangt. Ik

ben getuige, ik
leg het vast.

Opus Zero

Concert- en congresgebouw de Doelen viert dit jaar groots haar verjaardag. Het is namelijk exact 50 jaar geleden dat koningin Juliana het geheel nieuwe gebouw aan het Schouwburgplein opende. Hester schreef daarom speciaal hiervoor het gedicht "Opus Zero", over het eerste begin van alle muziek.

Opus Zero

Het begon met de grote big bang
en het dreef nog lang door de ruimte
hechtte zich dan aan water en aarde.

Het kroop in alle begin, nam
de stilte over, suisde in wind
roffelde tikte in regen die viel.

En het hing sindsdien in de lucht.

Krekels zetten de toon met hun poten
vogels pasten hun taal aan en toen
klonk plots ook een neuriën op

uit de mens die zijn wereld rondom
bekraste. Iemand floot het na, blies
op een grasspriet tussen zijn duimen

een ander sloeg ergens soms hard
dan weer zacht tegenaan, een andante
dat met voeten en hart samenspande.

En het hangt sindsdien in de lucht.

Het kruipt als wiegelied in wie pas
begint, danst een niet te vertellen
verhaal in lijf en hoofd: een deuntje

een tango of madrigaal. Het fluit
blaast, wringt zich tussen de lippen
naar buiten, zwaait ons uit.

En het hangt voorgoed in de lucht.

Toekomst

In Bibliotheek IJsselmonde droeg de Stadsdichter haar gedicht "Toekomst" voor aan vluchtelingen uit het AZC Rotterdam. Een gedicht over mensen die vluchten om hun leven te redden. Een thema dat nu speelt, maar ook in het verleden en in de toekomst. Het gedicht is door Amina Abed vertaald naar het Arabisch.

Toekomst

Zij gingen en komen waar ze wel
waar ze niet willen, zetten bezittingen

neer, spreiden hun angsten en leggen beslag
op de vierkante meters ze toegewezen. In hun lijf

nog de kleuren en beelden
van oude omgeving, donker en licht, drukte

chaos in steden, stilte erbuiten. Ze komen
waar anderen wonen, zij die hun kleine

percelen van heden verleden behoeden: zo
is het zo was het zo mag het

blijven. De toekomst
moeten ze delen.

© 2019 - Bibliotheek Rotterdam

Voer uw gebruikersnaam / pasnummer en wachtwoord in.