Dean Bowen is in 2019 en 2020 de stadsdichter van Rotterdam. Elk jaar schrijft de stadsdichter zes gedichten over Rotterdam en voor alle Rotterdammers. Benieuwd wat Dean tot nu toe geschreven heeft? Je leest het hier.


#1 Patina
Het eerste stadsgedicht dat Dean Bowen schreef is Patina. Hij droeg dit gedicht voor tijdens zijn benoeming als stadsdichter op 31 januari in het Bibliotheektheater. In het gedicht voert Dean voor het eerst een gesprek met de stad als stadsdichter. Hij vraagt 'haar', de stad, over wat wel en wat niet te adresseren in zijn gedichten die hij over Rotterdam zal schrijven in zijn periode als stadsdichter.

#2 nacht en leven
Bowen heeft zijn tweede stadsgedicht opgedragen aan BAR. De mensen achter de nachtclub in het Schiekadeblok waren bezig met het ontwikkelen van een danceclub in de Ferro-hallen in Rotterdam-west. De gemeente zei begin februari de samenwerking op. Woensdag 20 februari protesteerden honderden mensen tegen die beslissing en het gemeentelijk beleid op het Stadhuisplein, waar de stadsdichter het gedicht nacht en leven voordroeg.

#3 een lege hemel
Op 31 maart 1943 vielen er door een fout bommen op de dichtbevolkte wijk Bospolder-Tussendijken in Rotterdam-West. Door het slechte weer en inschattingsfouten bombardeerden Amerikaanse bommenwerpers niet het doelwit scheepswerf Wilton-Fijenoord, maar duizenden huizen. De stadsdichter schreef zijn derde stadsgedicht een lege hemel voor de herdenking van dit Vergissingsbombardement in Park 1943.