Titel overzichtspagina

Het Tristan akkoord, op zoek naar nieuwe muzikale spanningsvelden

Het Tristan akkoord, op zoek naar nieuwe muzikale spanningsvelden

Door John Valk

In een eerder artikel wees ik op een veel voorkomende standaard opbouw van een muziekstuk: een melodie met een begeleiding gebaseerd op drie elkaar afwisselende onderliggende akkoorden, en wel op de 1e, 4e en 5e trap. 

Zij ondersteunen of versterken het spanningsverloop van de melodie in een afwisseling van spanning en ontspanning (klik op de afspeelknop om het stuk af te spelen:

De blues bijvoorbeeld kent in de meest eenvoudige vorm qua harmonisch verloop in een vast begeleidingspatroon van afwisseling van deze 3 akkoorden:

Ontwikkeling van muzikale taal

Kenmerkend van de westerse muziek is, dat muzikale uitdrukkingsvormen zich sterk ontwikkelden in de loop der eeuwen, parallel aan maatschappelijke ontwikkelingen. Ook de complexiteit en het belang dat men hechtte aan samenklanken, de harmonische component van muziek, is typerend voor westerse muziek. De componist probeert in zijn streven naar muzikale zeggingskracht steeds balans te brengen in ritmische, melodische stuwing en harmonische variatie. In de westerse muziekgeschiedenis zien we dat componisten In het midden van de 19e eeuw  expliciter naar nieuwe muzikale vormen en middelen zoeken, waarbij de grenzen van wat harmonisch, qua samenklank nog acceptabel is worden verkend. Dat wil niet zeggen dat componisten vóór die tijd nooit experimenteerden met nieuwe muzikale uitdrukkingsvormen. Luister bijvoorbeeld naar het dissonantenkwartet van Mozart en de late strijkkwartetten van Beethoven.

Wagner als vernieuwer

Bij Wagner zie je, dat hij - kort door de bocht - melodieen creerde, welke zich constant op een niveau van spanning lijken te bevinden, zonder op te lossen naar een toon met een onderliggend rustpunt suggererend akkoord. In muziektheoretische zin blijven ze constant hangen op een akkoord dat een 5e trap suggereert (dominant) .Dit zien we duidelijk terug in het voorspel tot zijn opera Tristan en Isolde. Korte muzikale eenheden, motieven, thema's keren achter elkaar terug steeds beginnend op een andere toonhoogte. Als je denkt dat de muziek even tot rust komt zit je weer in een ander spanningsfragment. De vervlochten melodische lijnen schrijden voor een groot deel voort in stapjes van halve toonsafstanden. Dit laatste wordt chromatiek genoemd. Bijzonder is dat de melodielijn dan stijgt en de onderlinge baslijn daalt.
Luister hier naar de eerste maten- oorspronkelijk voor orkest- hier gereduceerd tot een pianopartij:

Het akkoord in het begin van de derde maat (f-b-d#-g#)staat in deze context bekend als het Tristan Akkoord, dat in zijn opera's verwijst naar een buitenmuzikaal gegeven, het muzikale symbool voor erotiek. Eigenlijk is het een half verminderd septiem akkoord op de F of uitgaande van de Gis als grondtoon een Gis mineur/kleine terts 6 akkoord. Op zich was dit akkoord niet nieuw. Wel op de manier waarop dit akkoord is ingebed met een voortschrijdende afwisseling van louter spanningsakkoorden, niet weten waar je muzikaal staat, hoe het verder gaat.

Liszt als voorbeeld

Wagner is waarschijnlijk niet de uitvinder van dit muzikale spanningsverloop. Misschien heeft hij zich laten bij het componeren van Tristan laten inspireren door Franz Liszt in de inleidende maten van het lied “Ich möchte hingehn”:

Links

  • Luister en kijk hier naar de de Prelude van 'Tristan en Isolde' uitgevoerd door het Beiers Staatsorkest met Zubin Mehta als dirigent.
  • Download hier de bladmuziek van het lied “Ich möchte hingehn” van Franz Liszt.
  • Klik hier voor boeken, hier voor opnames van Tristan en Isolde van Wagner, te leen in Bibliotheek Rotterdam.

Uitgelicht:

Van Die Feen tot ParsifalWagnerboekomslag, een inleiding tot Richard Wagners opera’s en muziekdrama’s, door Bert Leyns

Lees verder

Augmented reality in het boek Borgers, een muzikale familie

Augmented reality in het boek Borgers, een muzikale familie

Geschreven door John Valk

Ik werk meer dan 35 jaar bij bibliotheek Rotterdam en schrijf bijna net zolang recensies. Deze recensies gaan over nieuwe boeken, dvd’s, muziek of nieuwe media. Je vindt ze ook in de online bibliotheekcatalogus bij ‘Meer informatie’. Onlangs kreeg ik een boek toegestuurd dat meer is dan een boek.

Onderscheidend boek

Van de ene kant is het een gewoon boek, rijk geïllustreerd, waarin we de muzikale activiteiten volgens een kleurrijke Brabantse familie vanaf het einde van de oorlog tot vandaag de dag. Daarin weerspiegelt zich op aansprekende wijze tevens de overgang van het analoge naar het digitale muzikale tijdperk. Behalve een indringend weergegeven muzikaal tijdsbeeld onderscheidt het boek zich door de mogelijkheid Augmented Reality toe te voegen aan een twaalftal foto’s. Dit brengt een bijzondere auditieve en visuele sensatie teweeg. De foto’s komen als het ware tot leven door ze met de gratis ‘Effenaar Experience’ app via een smartphone of tablet te scannen.

In het filmpje hieronder laat ik in het kort zien hoe het werkt en hoe het eruit ziet:


Bertus Borgers vertelt bij Omroep Brabant over zijn fotoboek 'Muziek in de familie':

 

Het boek Borgers: muziek in de familie is verkrijgbaar in de bibliotheek.

Lees verder

Concierto de Aranjuez, voor de helft onzichtbaar

Concierto de Aranjuez, voor de helft onzichtbaar

Geschreven door John Valk

Van Stevie Wonder, Ray Charles, Jose Feliciano, Andrea Bocelli en Jules de Korte is bekend dat zij behalve zanger ook nog blind zijn. Maar als je de gemiddelde Nederlander zou vragen "ken je soms ook een  blinde componist", dan zal hij het antwoord denk ik schuldig moeten blijven. Tenzij je toevallig op de Spaanse televisie de documentaire hebt gezien "La Mitad Invisible" (de helft onzichtbaar) over het "Concierto d'Aranjuez'' voor gitaar en orkest van de blinde componist Joaquin Rodrigo (1901-1999).

Bewerkingen 

Dit stuk, met name vanwege het meeslepende middendeel, is misschien wel het meest gespeelde Spaanse klassieke muziekwerk aller tijden. Het bekende thema hoor je te pas en te onpas terug in begeleidingsmuziek bij inzamelingsacties, reclames, vocale bewerkingen door o.a. de libanese zangeres Fairuz, door Demis Roussos. Niet met alle bewerkingen was de componist even blij. Maar er zijn gelukkig positieve uitzonderingen zoals het fijnzinnige blazersarrangement van jazzcomponist Gil Evans met de trompetsolo's van Miles Davis in "Sketches of Spain'' en de recente opnames van de op dit moment misschien wel beste Spaanse flamencogitarist Vincente Amigo.

Ontstaan

Rodrigo schreef de muziek in Parijs, in 1938, in braille (zie afbeelding rechts). Daar was hij nog voor het uitbreken van de Spaanse burgeroorlog naar toe gegaan om les te nemen bij Paul Dukas. Het toentertijd ongewone idee van een concert voor gitaar en orkest werd hem in Bilbao aangereikt door de Spaanse gitarist  Regino Sainz de la Maza, die we ook in de documentaire aan het woord zien. Mooi is dat er nog veel filmopnames bewaard zijn gebleven van de hoofdrolspelers, van deze gitarist en ook van Rodrigo zelf. Mooi is ook dat in die documentaire de aanleiding, zijn drijfveren, zijn inspiratie zo tastbaar worden gemaakt.

Het paleis te Aranjuez

De muziek grijpt terug naar cultuur van het Spaanse hof in het koninklijk buitenverblijf te Aranjuez even buiten Madrid. Inspiratie vond de Spaanse componist in herinneringen aan de geur van oleander, de smaak van aardbeien en asperges, het geritsel van de bladeren boven het stromende water van de rivier, het geluid van de de fonteinen en de vogels. En je ziet Rodrigo in de documentaire met zijn handen de met porselein gedecoreerde wanden van de paleisvertrekken aftasten. Naast het teruggrijpen naar hoofse Spaanse cultuur hoor je ook de volksmuziek terug in dit concert en de sfeer van de arena. Af en toe imiteert het orkest de gitaar, dan weer is de gitaar nadrukkelijk aanwezig, een andere keer vervult de gitaar een begeleidingsrol. Rodrigo was pianist, geen gitarist, dat verklaart misschien de soms lastige passages in het snel moeten overgrijpen van posities. Rodrigo liet zich alleen in het begin van zijn studietijd nog beinvloeden door moderne stromingen in de klassieke muziek. In zijn verdere ontwikkeling bleken hem tonaliteit, romantiek, authentieke Spaanse cultuur beter te liggen. Uit de documentaire komt niet duidelijk naar voren wat de invloed is geweest van de Spaanse burgeroorlog. Die wordt zelfs niet of nauwelijks genoemd. Toen die uitbrak, verviel zijn toelage die hij kreeg als conservatorium student in Parijs. Misschien dat hij door de verschrikkingen van deze burgeroorlog nog sterker teruggreep op historische culturele verworvenheden.

Premiere

Aanvankelijk wilde Rodrigo het concerto d''Aranjuez in Madrid in premiere laten gaan. Dat ging niet door. Wat de documentaire niet vermeldt, is dat Madrid net een belegering achter de rug had, gepaard gaande met een grote hongersnood. Onduidelijk is of dat van invloed geweest is. Op 9 november 1940 vond de premiere plaats in het  Palau de la Música Catalana in Barcelona, meer gebouwd in de geest van Gaudi op bijzonder materiaalgebruik en vormgeving dan op verantwoorde akoestiek. Met de trein vanuit Madrid op weg naar die premiere raakte Rodrigo even in paniek bij de gedachte dat de gitaar wellicht helemaal niet te horen zou zijn temidden van de orkestklank. Het concert sloeg in als een bom. Successen volgden alsnog in Madrid, alvorens de muziek zich over de hele wereld verspreidde. In de wandelgangen wordt wel eens getwijfeld aan de herkomst van het concert, omdat het overige oeuvre van Rodriga qua stijl zo sterk afwijkt. De stad Aranjuez dacht er een paar jaar geleden goed aan te doen een standbeeld voor Rodrigo op te richten. Daar zag men van af  toen de nazaten lieten weten dat alleen tegen een fors bedrag toe te willen staan.         

Collectie Bibliotheek Rotterdam

Bibliotheek Rotterdam beschikt over een uitgebreide collectie bladmuziek van o.a. liederen, gitaar en pianowerken van Joaquin Rodrigo.  Op de afbeelding rechts de omslag van de pianobundel Spanish Nights met diverse ook voor de geoefende amateurpianist speelbare muziek.

Links

Lees verder

Een speeldoos als inspiratiebron voor Puccini’s ‘Butterfly’

Een speeldoos als inspiratiebron voor Puccini’s ‘Madama Butterfly’

Door John Valk, Specialist Media

Het luistert bijna als een spannend boek; de ontdekking van de niet voor de hand liggende oorsprong van Puccini’s ‘Madama Butterfly’ uit 1904. Specialist media John Valk blogt erover.

Inspiratie uit het oosten

Men ging er lange tijd vanuit dat de belangrijkste melodieën van de opera alleen terug te voeren waren op Japanse muzikale bronnen. Het lag ook voor de hand in die richting te denken; de opera speelt zich namelijk af in Japan. Tijdens een bezoek met familie aan het Morrismuseum in Morristown (New Jersey), een museum voor speeldozen en mechanische instrumenten deed de Amerikaanse musicoloog W. Anthony Sheppard echter een verrassende ontdekking.

Het oosten was rond 1900, de tijd waarin de Italiaanse operacomponist Puccini leefde, een geliefde bron van inspiratie voor componisten. Het gebruik van pentatoniek en parallelle kwarten was daarbij een dankbaar muzikaal hulpmiddel. Luister bijvoorbeeld naar Ravels muzikale schets van een Chinees theekopje in L'Enfant et les Sortilèges (1925). 

Hoe kwam Puccini aan oostere inspiratie?

Opnames bestonden er nog niet, etnomusicologisch onderzoek stond nog in de kinderschoenen. En van Chinese of Japanse muzikanten, die Europa aandeden kon ik geen aanwijzingen vinden. Klinkende muziek kon rond 1900 alleen vastgelegd worden in speeldozen en mechanische instrumenten. En als je toevallig de wereldtentoonstelling in Parijs 1889 bezocht had, dan kon je daar live alleen Vietnamese/Javaanse muziek horen. Transcripties bestonden er wel. Een boek met genoteerde Chinese muziek, uit 1884 door de Vlaamse J.A. van Aalst, kan beschouwd worden als bron voor een aantal muzikale thema’s in Turandot.

Puccini en de Speeldoos

Het was ook bekend dat Puccini in deze opera Chinese melodieën gebruikte, die hij leerde kennen via een 'Chinese' speeldoos. Hij kwam volgens de overlevering hiermee in aanraking tijdens zijn bezoek aan baron Edoardo Fassini-Camossi in 1920, die zowel bekend was als militair veteraan tijdens het neerslaan van de Chinese Bokseropstand als componist met diverse bladmuziekuitgaven op zijn naam. Drie melodieën uit deze Fassini-speeldoos werden gebruikt in Puccini’s laatste opera ‘Turandot’, die hij bij zijn overlijden in 1924 onvoltooid achterliet. Het meest populaire lied, gewoonlijk 'Mo Li Hua' (Jasmijnbloem) genoemd, beeldt de verleidelijke en glorieuze trekken van de sprookjesprinses Turandot uit. Een andere melodie begeleidt de binnenkomst van de drie ministers. De derde dient als een keizerlijke hymne.

We gaan er even vanuit dat de speeldoos die Sheppard in het Morrismuseum ontdekte dezelfde is als die Puccini beluisterde bij baron Edoardo Fassini-Camossi. Onder de Chinese melodieën bevat deze speeldoos verrassenderwijs ook een thema dat we terughoren in 'Madama Butterfly'. Puccini gebruikte dus niet alleen diverse populaire Japanse melodieën, waaronder 'Sakura, Sakura' en 'Miya Sama' voor 'Madama Butterfly' maar deinsde er tegelijkertijd niet voor terug ook zijn toevlucht te nemen tot Chinese muziek. Butterfly zingt de melodie in dezelfde toonaard als die de speeldoos laat horen. Er is in de aanloop naar "Madama Butterfly" een brief, waarin Puccini schrijft: "Ik heb nu voldoende materiaal van het gele ras."

Oosterse invloeden in 'Madama Butterfly'

Het hoofdthema voor de 'geisha' Butterfly draagt in de partituur de titel ‘She Pah Moh’. Deze is weer te herleiden tot een in China controversieel, erotisch getint lied ‘Shiba Mo' oftewel ‘12 aanrakingen’. Puccini werd geprezen om zijn ‘Japanse’ orkestraties, maar de uitwerking van “Shiba Mo’ kan het beste omschreven worden als ‘klinkend als een speeldoos’. Luister naar het oorspronkelijke thema van 'Shiba Mo':

 

De muziek bij de opkomst van Butterfly aan het begin van de opera bereikt een muzikale climax met een lichte verwijzing naar de eerste maten van 'Shiba Mo'. Het gebruik van staccato in de fluitmuziek, piccolo, klokkenspel en harp vanaf maat 41 laat dit fragment min of meer als een speeldoos klinken:

PartituurPuccini3

Kijk en luister naar een uitvoering van 'Madama Butterfly' van bovenstaand fragment (vanaf 9.22m):

 

Het tweede muzikale motief, dat je hoort wanneer gerefereerd wordt aan de dood van Butterfly’s vader, heeft menig onderzoeker doen speuren naar Japanse bronnen. Dit motief duikt echter in de speeldoos op bij twee Chinese melodieën en keert in een licht afwijkende vorm terug in ‘Turandot’ als onderdeel van de keizerlijke hymne. Hetzelfde muzikale thema verwijst zowel in ‘Madama Butterfly’ als in ‘Turandot’ naar de exotische vader. De openingsmaten van 'Turandot' borduren met een tussenpose van 16 jaar voort op het slot van Madame Butterfly.

Hoe waarschijnlijk is het dat Puccini de speeldoos beluisterde die nu in het bezit is van het Morrismuseum?

De speeldoos is van Zwitserse makelij. Zwitserland stond niet alleen bekend om zijn technisch hoog gekwalificeerde klokken en horloges, maar in die tijd ook om zijn verfijnde speeldozen. En voor exotische melodieën was zeker een markt. Ongepubliceerde brieven uit het Fassini-archief lijken erop te wijzen dat de speeldoos vele jaren eerder, ook al tijdens het componeren van Madame Butterly in het bezit was vam de bevriende Fassini-familie. Naam en adres van een reparatiewinkel in Rome op het muziekblad geven aan dat deze speeldoos zich in Italië moet hebben bevonden. Weinig speeldozen bevatten deze combinatie van melodieën. 

tekeningDroedelPuccini4

Het beste bewijs vinden we misschien wel dieper in de speeldoos. Daar heeft iemand een profieltekening gemaakt van een vrouwenfiguur. Daaronder zien we wat ondefinieerbare tekens. Sheppard dacht aanvankelijk dat die misschien wel afkomstig was van de reparateur. Nadere bestudering van aantekeningen in partituurhandschriften van Puccini lijkt te wijzen op opvallende overeenkomsten. In bladmuziektranscripties van Chinese melodieën uit die tijd treffen we niet de melodieën van de speeldoos, met uitzondering van 'Sinfa’ en ‘Mo Li Hua’.
 
Zo onthulde een min of meer toevallig bezoek aan een museum een onverwachte bron voor Puccini’s opera ‘Madama Butterfly’ met even zo verrassende link naar zijn laatste opera ‘Turandot’.  Kijk en luister naar de korte uitleg van Sheppard zelf:

 

Bronnen

Te leen in Bibliotheek Rotterdam

E-books

  • De premiere door Theun de Vries
    Relaas van de première van de opera "La fanciulla del West" van de Italiaanse componist Giacomo Puccini in New York in 1910.
  • Opera door Benjamin Rous
    Een geschiedenis in 27 sleutelwerken. Bespreking van de ontwikkeling van de opera tussen 1600 en 1950 aan de hand van de analyse van 27 opera's, steeds één per componist, waaronder Turandot van Puccini.

Boeken

Lees verder

Pianist tussen de puinhopen

Pianist tussen de puinhopen

Geschreven door John Valk

Tot het laatst toe vertolkte Aeham Ahmad via zijn stem achter de piano de ontberingen, die de inwoners van de wijk Yarmouk moesten ondergaan ten gevolge van een niets ontziende burgeroorlog in Syrië.

Het boek ‘de pianist van Yarmouk’ is alweer een paar jaar oud. Het laat vooral de menselijke kant zien van een niets ontzienende burgeroorlog in een wijk van Damascus in de aanloop naar en tijdens de hevige gevechten. Die menselijke kant wordt tastbaar in het leven van Aeham Ahmad, een jonge pianist, die op vele Youtubefilmpjes tot het laatst toe op de piano tussen de kapotgeschoten huizen de troost en schoonheid van muziek probeert te laten horen en zien.

De wijk Yarmouk in Damascus is een van oorsprong uit de 50'er jaren stammend toevluchtsoord voor Palestijnse vluchtelingen. Aeham is een gedreven betrokken pianist, instrumentbouwer en componist, die met zijn muziek nog een beetje kleur probeert te geven aan het dagelijks leven, dat naarmate de oorlog zich verder uitbreidde steeds meer in het teken stond van ontberingen, honger, dood. Zijn piano wordt op een gegeven moment in brand gestoken en hij besluit te vluchten naar Europa. Zijn gezin volgt later. Die gevaarlijke tocht wordt in het boek indringend beschreven. Behalve muzikale vertolker in woord en muziek van wat een burgeroorlog doet, voelt hij zich vooral leraar, zo meende ik ook te bespeuren in zijn biografie. Ontroerend zijn de filmpjes op Youtube en Facebook waarin hij een door hem bij elkaar gebracht kinderkoor op de piano begeleidt tussen de puinhopen. Aeham en zijn vrienden zagen al snel de mogelijkheden van internet, van Facebook en Youtube om de toestand in deze wijk op een aansprekelijke manier te tonen aan de wereld. Met zijn blinde vader werkte hij in een muziekwinkel, waar onder andere ook voor de export bestemde Uds, een Arabische luit, gebouwd werden. De foto waarin je hem piano ziet spelen tussen de puinhopen is legendarisch geworden (zie afbeedling hierboven). Zijn biografie is wereldwijd verspreid. In zijn composities mixt hij veel stijlen, zoals Arabische en Westerse. Tegenwoordig woont hij met zijn gezin in Duitsland en geeft er vele concerten. In Nederland trad hij onder andere op bij Nieuwe Geluiden van de VPRO. Ik besprak onlangs met hem de mogelijkheid zijn muziek te publiceren in de vorm van bladmuziek en teksten. Daar had hij wel oren naar.

Het Waterlied

De kinderen zongen het liefst het Waterlied, omdat de inhoud zo herkenbaar was. Veel kinderen moesten hun ouders elke dag helpen zware jerrycans te dragen.

De kraan doet het steeds niet
Nooit komt er gewoon water uit

We zijn dat gesleep met emmers zat
Maar het water is te krap

Vraag Abu Mohammad maar
Die baalt er ook zo van

Hij sjouwt ook nog steeds met emmers
En windt zich daar zo over op

Ach het komt wel weer goed
Ach het komt wel weer goed

Zelfs de stroom, o lieve hemel,
Die zijn we gewoon vergeten


Aeham Ahmad over zijn eigen composities

"Van alle kanten kreeg ik nu gedichten toegestopt. Ik kende de technieken van Beethoven en Mozart, Ziad Rahbani en Marcel Khalife. Soms had ik een paar uur nodig om een lied te componeren, soms was ik in tien minuten klaar. Ik hoefde maar over straat te lopen met een nieuw gedicht in de hand en het hardop voor te lezen, of er kwam al een motief in me op. Vervolgens schaafde ik (achter de piano) nog wat aan de melodie en verzon ik een uitgebreide intro. Ik gebruikte Europese toonladders en combineerde die met Arabische ritmes. Ik liet me inspireren door de harmoniesprongen en begeleiding in achtsten van Wolfgang Amadeus Mozart. Zo ontstonden er melodieën die voor iedereen lekker in het gehoor liggen; dat is de kracht van bepaalde harmonieën. Sommige van mijn liedjes bestonden, net als westerse volksliedjes, uit meerdere strofen en een refrein. Andere uit meerdere lange motieven met daartussen steeds een brug, zoals in de Arabische wereld. Ik maakte spotliedjes en satirische liederen, zowel treurige als vrolijke. Ik meed alle lege pathos over helden en zegetochten en bloed op het veld van eer. En soms verpakte ik bittere, hartverscheurende zinnen in een vrolijk kinderliedje.
In het begin componeerde ik nog heel klassiek; op elke lettergreep een toon. Toen ik gedichten kreeg die rijm noch versmaat hadden en die eigenlijk niet op muziek te zetten waren, begon ik lettergrepen over meerdere tonen uit te smeren (melisme). Dat gaf een klagende toon, en dat paste ook wel goed. Ik wilde dat onze wanhoop te horen was. De wanhoop over een hoogzwangere vrouw die bij het checkpoint overlijdt, over de kwelling om een halve nacht hongerig in de rij te staan voor een doos met eten en met lege handen thuis te komen. Ik legde al mijn wanhoop in die liederen. Alsof mijn zingen een kreet was van iemand die in de afgrond stort en zijn eigen hellevaart op muziek zet."

Vrije Geluiden

Aeham Ahmad speelt in Vrije Geluiden (VPRO) 'I forgot my name'.

Te leen in Bibliotheek Rotterdam

  • 'De pianist van Yarmouk' - Aeham Ahmed

    Dit boek laat vooral de menselijke kant zien van een niets ontzienende burgeroorlog in een wijk van Damascus in de aanloop naar en tijdens de hevige gevechten. Die menselijke kant wordt tastbaar in het leven van Aeham Ahmad, een jonge pianist, die op vele Youtubefilmpjes tot het laatst toe op de piano tussen de kapotgeschoten huizen de troost en schoonheid van muziek probeert te laten horen en zien.

  • 'Arabische muziek'

    Inleidingen op het gebied van de Arabische muziek zijn er niet veel. Vandaar dat het goed is dat Leo Plenckers het gat opvult. Zijn boek bestaat uit twee afdelingen. In het eerste gedeelte behandelt hij de ontwikkeling van de muziek en instrumenten vanaf de oud-Egyptische tijd tot rond 1970 in het Arabische taalgebied. Van de allereerste tijd is weinig op schrift overgeleverd, omdat de muziek in een orale traditie stond. Hij beschrijft hoe het specifieke van de Arabische muziek zich eerst uitbreidde naar vooral Spanje. Later is de Arabische muziek onder de invloed gekomen van de westerse muziek, via cassettebandjes, cd's en internet. In het tweede deel behandelt Plenckers de moderne vormen van Arabische muziek. Hij werkt veel voorbeelden van verschillende streken uit met notenvoorbeelden en analyse van de teksten. Het boek bevat een uitgebreid register, een lijst met websites voor aanvullende informatie en een uitgebreide literatuurlijst en discografie van aanbevolen opnamen.

  • 'Ik speel ud'

    Methode voor ud met Turkse liedjes.
    Een ander boek is hiervoor ook geschikt: 'Ud metodu: gelenekle geleceğe'

  • 'School of oud'

    De oed, oud of ud, is een snaarinstrument uit het Midden-Oosten dat al bekend was 3000 jaar voor Christus. Het heeft dus een erg lange traditie en wordt momenteel vooral in Turkije nog veel bespeeld. Deze uitgave is een methode met uitleg over speeltechniek en de bijzondere stemming die wij in het westen niet kennen en een inleiding in de specifieke kenmerken van de Ottomaanse muziek. Verder diverse etudes en speelstukken allen in notenschrift.

  • 'Leerboek voor Bağlama'

    Tweetalige methode voor de Baglama, de Turkse luit. Geschikt voor zowel de Baglama met de korte als met de lange hals. De laatste jaren zijn er al meer methodes verschenen maar die werden gemaakt in eigen beheer. Zonder op de inhoud daarvan af te willen dingen is deze kloeke uitgave met duidelijk notenmateriaal en een bijgevoegde dvd in het fonds van een gevestigde uitgever een aanwinst. Bovendien is alle begeleidende tekst in twee talen (Nederlands en Engels) beschikbaar. De helft van het boek is instructie, een methode eigenlijk, de andere bestaat uit speelstukken. Deze zijn weer onderverdeeld in verschillende niveau's. Op de dvd worden veel technieken voorgedaan en een selectie uit de speelstukken voorgespeeld. Het repertoire is grotendeels afkomst uit Anatolië, de Turkse regio waar het instrument aan verbonden is. De auteur is een in Turkije afgestudeerde en in Berlijn wonende baglama-speler. Hij geeft daar les en is uitvoerend musicus. Deze methode is geschreven met de Westerse (conservatorium) student in het achterhoofd en heeft een steile progressie.

  • 'Gitaar-les met Turkse liedjes' - Dilaver Göktas

    Methodiekboek voor beginners.

Lees verder

Hoe componeer je een hitsong?

Hoe componeer je een hitsong?

Geschreven door John Valk

Iedereen, muzikant of geen muzikant, heeft er waarschijnlijk weleens in stilte aan gedacht: het bedenken van die ene hit! Er bestaat geen eenduidig recept voor het schrijven van een een hit. Je kunt er wel van uitgaan dat een hit in de popmuziek bijna altijd vocaal is en een pakkende melodie heeft.

Een pakkende melodie

Ga maar na. Heb je een pakkende melodie gehoord, dan blijft die je bij, je neuriet het moeiteloos dagen later nog na. Zelfs bekende componisten moeten soms bekennen dat het verzinnen van een pakkende melodie niet hun sterkste kant is. Arrangeren, instrumenteren, harmoniseren kun je voor een groot deel aanleren. Een pakkend melodietje in je op laten komen lijkt een gave te zijn. Richard Strauss is de componist van onder andere Also Sprach Zarathustra, waarvan de beginmaten als tune voor film (Space Odessey) en reclamedoeleinden (Silan zacht wasmiddel) zijn ingezet. Toch was hij min of meer jaloers op een componist als Mozart, die in zijn ogen de ene prachtige melodie na de andere uit zijn mouw leek te schudden. Schubert, musicalcomponisten als Jerome Kern, Irving Berlin en Richard Rogers, filmcomponist Ennio Morricone, maar ook Harry Bannink en Vader Abraham zijn en waren meesters in het verzinnen van pakkende melodieën. Maar met louter een korte leuke melodie ben je er nog niet. Charlie Chaplin werd wereldberoemd met het nummer 'Smile' voor de film 'Modern Times' uit 1936, maar...

"Chaplin had weinig op met de muziek. Hij murmelde soms de melodie. Met een paar vingers speelde hij soms wat accoorden." Dat vertelde David Raksin me eens, toen ik materiaal aan het verzamelen was voor een filmmuziektentoonstelling. Niet Chaplin, maar Raksin, die was ingehuurd als muzikale assistent, werkte Chaplins melodische ingeving verder uit tot een volledige compositie. Toch staat "Smile" bekend als een compositie van Chaplin. En het succes van de Beatles was niet alleen te herleiden tot de compositorische verrichtingen van John Lennon en Paul McCartney. George Martin, ook wel de vijfde Beatle genoemd, kleedde de muzikale ideeen vaak verder aan met de juiste harmonische ondersteuning en instrumenten. In zijn boek All you need is ears doet hij daar op een boeiende manier verslag van.

Tips

Zoals ik al eerder zei, er is geen eenduidig recept voor het schrijven van een hit. Wel zijn er een paar aspecten, waar je aan kunt denken:

  • Wil ik in een bepaalde stijl schrijven? Het succes van een groep als Rowwen Hèze is deels te danken aan de keuze voor een mix van folk, fanfare en Tex-mex, een muzikale stijl, afkomstig uit het grensgebied van Mexico en de Verenigde Staten. The Police had het succes van hun nummers deels te danken aan de keuze voor de Reggae als muzikale ondergrond. Geen enkele hit is volledig orgineel. Luisteraars hebben altijd een bepaald referentiekader nodig, momenten van herkenning. De combinatie "paardenmiddel" en iets eigens daaraan toevoegen vormt de basis van succes.

  • Laat ik me inspireren door een bepaalde tekst, een gedicht, en wil ik daarbij het ritme en de stemverheffingen terug laten komen in een melodie? Of laat ik me door iets buitenmuzikaals inspireren: de natuur, en natuurlijk de liefde, gelukkig of ongelukkig !Of is de muziek voor een bizondere gelegenheid bestemd? Wil je dat er ook op gedanst kan worden?

  • Kan ik uitgaan van een kort motief en dat verder uitwerken of laat ik me leiden door een melodie of een meer ritmisch patroon, een riff, wat voor vorm heb ik voor ogen hoe bouw ik spanning op, welk spanningsverloop heb ik voor ogen?: intro, couplet, bridge, refrein,slot? Of herhaling van een melodie of motief,maar dan door andere of meer instrumenten gespeeld? Welke instrumenten kies ik daarbij, laat ik ze in een bepaald ritmisch patroon spelen? Welke akkoorden kies ik als begeleiding ? Als je voor een bepaalde zanger(es) schrijft, dan heeft die zeker voorkeur voor een bepaalde ligging, toonsoort. Ga ik die toonsoort gedurende het muziale verloop aanpassen? Geeft een tegenmelodie een extra dimensie? Welk tempo past daarbij? Wat tokkelen op de gitaar, wat neurien, wat spelen op de toetsen kan helpen in het ontstaan van een stuk. Leg je rudimentaire ideeen vast,door ze op te nemen of even te noteren in notenschrift, maar laat je niet teveel leiden door bladmuziek. Gebruik eventueel een computerprogramma, dat een begeleiding genereert. Laat je ideeen even liggen om er op een later moment weer fris tegenaan te kijken. Of werk met z'n tweeën.

  • Daarnaast zijn er natuurlijk ook buitenmuzikale factoren die bepalen of je succes hebt. Voel je de geest van de tijd aan? Een visueel element, een stukje performance, een clip toevoegen kan helpen. Wie weet word je ontdekt via Youtube? Weet je tv-, radiomakers, DJ's te interesseren?

  • Een Spaans bedrijf heeft een computertest ontwikkeld, waarmee voorspeld kan worden of een nummer een hit kan worden. Het heet HSS (Hit Song Science)

  • Veel informatie over songs, video's, interviews met songschrijvers op Songfacts.

Collectie Bibliotheek Rotterdam

Uit de collectie van Bibliotheek Rotterdam, met veel (inside) informatie over het schrijven van hit songs.

  • Popmuziek. Artikelen, gebaseerd op praktijkervaringen, over arrangeren, het schrijven van een song door o.a. Paul Simon, Sting , Sondheim over uitvoering en bespeling van verschillende instrumenten, over opnemen en muziekindustrie.

  • Song- en liedteksten schrijven van cabaret tot rock. Door Yke Schotanus.

  • Een goed lied zingt zichzelf; hoe schrijf je een kinderlied. Door Jeroen Schipper.

  • Inside songwriting getting to the heart of creativity. Door Jason Blume. Gids voor het schrijven van de lyrics van popsongs.

  • Tunesmith, inside the art of songwriting. Door Jimmy Webb.

  • How to write a hit song the complete guide to writing and marketing chart-topping lyrics & music. Door Molly-Ann Leikin. Handleiding voor het componeren, schrijven en marketen van popsongs.

  • Songwriting for dummies. Door Jim Peterik, Dave Austin, Mary Ellen Bickford.

  • Songwriting: a structural approach. Door Robert Alen Berger.

  • De X-factor, een must voor sterren. Door Henkjan Smits. Alles wat je moet weten om een echte ster te worden.

  • American popular song the great innovators, 1900-1950. Door Alec Wilder.

  • How to write songs on guitar. Door Rikky Rooksby.

  • All you need is ears. Door George Martin.

Lees verder

Muziekweb: Playlist Rebellen en Dwarsdenkers

Muziekweb: Playlist Rebellen en Dwarsdenkers

'Rebellen en Dwarsdenkers in de literatuur' is dit jaar  het thema van de Boekenweek. Geïnspireerd hierdoor, selecteert Muziekweb een veertiental rebellen en dwarsdenkers in de muziek: een bonte club van artiesten die zich nooit conformeerden, tegen de stroom in durfden te gaan en jazz, rock en pop opschudden en vernieuwden.

  • Epistrophy – Thelonious Monk

    Zelfs binnen het clubje jazzmuzikanten dat in het New York van de jaren 40 de moderne jazz ontwikkelt, is pianist en componist Thelonious Monk een eigenzinnige buitenbeen. Zijn stukken klinken robuust, zitten vol atonale noten en reflecteren een eigen, absurdistische wereld. Tijdens de solo’s van zijn bandgenoten maakt hij graag een dansje rond zijn piano wat hem op kritiek van serieuze collega’s komt te staan. Hij trekt er zich niets van aan.

  • We Travel Spaceways – Sun Ra

    Jazzpianist en componist Herman Poole Blount vindt zichzelf opnieuw uit als de van Saturnus afkomstige Sun Ra. Hoewel concerten met zijn band de Arkestra uitgroeien tot bonte, futuristische spektakels, blijft Sun Ra altijd een serieus denker met afwijkende muziekopvattingen en theorieën over astraal ruimtereizen en de afro-cultuur.

  • Floppy Boot Stomp – Captain Beefheart

    In 1974 maakt Don van Vliet, alias Captain Beefheart, een knieval naar de commercie met de twee toegankelijke albums Unconditionally Guaranteed en Bluejeans & Moonbeams. Beide worden afgebrand door fans en media. Gelukkig keert hij daarna met Shiny Beast (1978) terug naar zijn unieke geluid, waarin hij ruw smijt met botsende muzieknoten en woorden, als een expressionistische schilder met zijn verf.

  • Inca Roads – Frank Zappa

    Van Vliets jeugdvriend Frank Zappa ontwikkelt zich tot een genadeloze satiricus voor wie niets heilig is. Zowel het establishment als het anti-establishment (zoals de hippies met hun eigen dogma’s en uniformen) moeten het ontgelden. Muzikaal mengt hij rock, elektronische muziek en doowop met de theorieën van radicale moderne componisten tot een uniek geheel.

  • Lonely Woman - Ornette Coleman

    Eind jaren 50 schudt saxofonist Ornette Coleman de ingedutte jazzwereld op met zijn freejazz. Aanvankelijk kan de jazzpolitie er alleen maar schande van spreken dat Coleman niet langer binnen de keurig uitgestippelde lijnen en structuren van de heersende hard bop wenst te spelen. Maar hij krijgt steeds meer navolging van andere muzikanten. Freejazz is inmiddels net zo'n gevestigde stijl als hard bop of bebop.

  • Black Satin – Miles Davis

    Saxofonist Miles Davis is geworteld in de moderne jazz als bandlid van Charlie Parker in de jaren 40. Hij ontwikkelt zich daarna tot een strenge bandleider die steeds de heersende jazztrends een stap voor is. Zo staat hij aan de voet van cool jazz, modal jazz en jazzrock. Het broeierige jazzrockalbum On The Corner (1972) wordt pas decennia later begrepen en ontdekt binnen de hiphop en de elektronische muziek.

  • My Mamma Never Told Me How To Cook – Annette Peacock

    Een vrouwelijke artiest die doet waar zij zin in heeft is in de jaren 60 en 70 nog ongewoon. Componiste Annette Peacock speelt vrijelijk met freejazzmuzikanten voordat zij eind jaren 70 begint aan een grillige solocarrière als singer-songwriter. Vrije expressie en diepgang zijn daarbij belangrijker dan commercie. Het levert haar aanvankelijk vooral veel erkenning op van collega’s.

  • Ballade De Melody Nelson – Serge Gainsbourg

    De Franse chansonnier en componist Serge Gainsbourg kent weinig taboes met zijn hijgerige chansons over seks, incest en andere provocaties tegen het fatsoen. Maar de sensuele orkestrale pop die hij daarbij componeert, klinkt uniek en krijgt veel navolging. Ook zijn levensstijl, beheerst door drank, sigaretten en mooie vrouwen als Brigitte Bardot en Jane Birkin, is legendarisch.

  • Clint Eastwood – Lee “Scratch” Perry

    Het belangrijkste instrument van Jamaicaan Lee “Scratch” Perry is de mengtafel in zijn studio. Door buitenaardse effecten als phasing, echo’s en galmen los te laten op, vaak doorwrochte en prachtig gezongen reggaesongs, ontstaat de dubreggae. Perry is een even excentrieke als onaangepaste man, grillig en stoned als de stijl die hij uitvond.

  • Kill Your Sons – Lou Reed

    Als in de jaren 60 popsongs meer inhoud krijgen, met poëtische en maatschappijkritische teksten, voegt New Yorker Lou Reed daar rauwe straatpoëzie aan toe. Terwijl de hippies over universele liefde en bloemen zingen, vertelt Reed over heroïne en sadomasochisme op het eerste album van zijn band The Velvet Underground (1966). Hij heeft later een grote hit met Walk On The Wild Side, maar een blad voor de mond neemt hij nooit.

  • Memories – Public Image Limited

    Als Johnny Rotten kan de Brit Johnny Lydon gezien worden als een grondlegger van de punk. Zelf heeft hij al snel genoeg van deze muziek en zijn punkband Sex Pistols. Hij keert zich bewust tegen het geforceerd nihilisme van punk met zijn volgende band Public Image Limited (P.I.L.). De punks van weleer begrijpen niets van P.I.L.s structuurloze en uitgesponnen nummers met invloeden uit krautrock en dub. Precies hoe provocateur Johnny Lydon het graag ziet.

  • Der Spinner – Nina Hagen

    In 1976 steekt de jonge punkette Nina Hagen de nog gesloten grens tussen Oost- en West-Duitsland over. Zij is al snel een sensatie in het Westen, met haar elastieken operettestem, wilde punk-attitude en feministische, maar ook impressionistische en vaak grappige teksten. Haar latere carrière gaat vooral gepaard met een zucht naar spiritualiteit, maar zij blijft hoe dan ook zichzelf.

  • Widowlicker – Aphex Twin

    Waarom zouden dance en techno alleen maar gericht moeten zijn op de dansvloer? Dit is begin jaren 90 de gedachte van een groep Britse producers. De belangrijkste exponent van de Intelligent Dance Music (IDM) die hier uit voortvloeit is Richard David James alias Aphex Twin. Hij rekt de elektronische muziek op en doet dit ook nog eens met de gemene grijns waarmee hij zich door zijn duistere clips beweegt.

Samenstelling en tekst: Mark Ritsema
Grafische vormgeving: Judith de Rond
Beeld: Finer Moments - Frank Zappa (JK182898)

Lees verder

Actief luisteren naar muziek van Cage en Reich op de tablet

Actief luisteren naar muziek van Cage en Reich

Geschreven door John Valk

Specialist media John Valk schrijft in deze blog over muzikale apps die gebaseerd zijn op concepten van grote namen in de klassieke muziek.

Op het gebied van muziek zijn sinds de intrede van mobiele apparatuur, uitgebreidere toepassingen beschikbaar voor zowel de luisteraar als de muzikant. In één van mijn eerdere blogs tref je een uitgebreid overzicht aan van deze nieuwe mogelijkheden. Een enkele keer kom je een app tegen, die als het ware op het snijvlak van luisteren en musiceren ligt in die zin dat deze de luisteraar actief willen meenemen in het muzikale proces. Frappant is dat dit afspeelt binnen het domein van wat we normaal plachten te noemen ‘moderne klassieke muziek’. Ik heb het dan over de apps ‘John Cage Prepared Piano’ en ‘Steve Reich’s Clapping Music’.

De app Prepared Piano

John Cage behoorde tot één van de grootste vernieuwers in het componeren van ‘klassieke’ muziek. Daarbij borduurde hij voort op de eveneens avantgardistische verrichtingen van Anton Webern en Eric Satie. Niet melodie en harmonie, maar vooral klankleur en ritme waren voor Cage belangrijke muzikale fundamenten. In dat licht moeten we ook de geprepareerde piano, de ‘prepared piano’, zien. Hij bedacht dit toen hij in 1946 een slagwerkstuk moest schrijven voor een ruimte waarin alleen een piano stond. Dat werden zijn ‘Sonatas and Interludes’. Hij plaatste schroefjes, moertjes, spijkers, gummetjes, stukjes papier en vele andere materialen tussen en onder de snaren en schreef hierbij dikwijls zeer nauwkeurig voor welke soort en lengte of dikte nodig was en waar deze hulpmiddelen geplaatst dienen te worden om het gewenste effect te bereiken. Die geluiden werden mede naar aanleiding zijn 100e geboortedag in 2017 virtueel beschikbaar gesteld via de app Prepared Piano (zie afbeelding) voor diverse mobiele apparaten.

Stephen Drury van het New England Conservatorium geeft in het volgende filmje een demonstratie van de preparatie van de piano ten behoeve van de uitvoering van John Cage's 'Sonatas & Interludes'.

Steve Reich, de vader van minimal music 

Voor classic fm onthulde componist Steve Reich wat hem dreef tot het schrijven van zijn bedrieglijk uitdagende flamenco-geïnspireerde canon, Clapping Music uit 1972. Na het bezoek aan een nachtclub in Brussel, waar flamenco te horen was met het gebruikelijke handgeklap, kwam hij op het idee dit stuk te componeren. Kenmerk van deze 'minimal music' is dat een ritmisch herkenbaar patroon steeds herhaald wordt met hele minieme verschuivingen in ritme. Dat zie je ook in Clapping Music terug.
Steve Reich geeft zelf een toelichting op de app Clapping Music (iPad), die je vooral moet zien als een spel, een oefening in ritmisch klappen.

Meer weten over Steve Reich en zijn manier van componeren? Lees het artikel van Muziekweb (gevestigd in Centrale bibliotheek Rotterdam) met verwijzingen naar uitvoeringen op CD en DVD. Zelf muziek van Steve Reich spelen? Kijk in de catalogus of kom naar de vierde verdieping van Centrale Bibliotheek.

Uitgelicht

'Different trains'

Different trains (for string quartet and pre-recorded performance tape) is een werk uit 1988 in drie delen voor strijkkwartet en 'tape' of opname (bijgevoegd op de cd). Het werk is van Steve Reich (1938), een van de hoofdfiguren uit de minimal music. Hij schreef het voor het Kronos Quartet dat de prèmiere verzorgde en vervolgens in 1989 een Grammy won voor Best Contemporary Classical Composition voor de cd. Het stuk gaat inderdaad over treinreizen. Tussen 1939 en 1942 moest de kleine Steve met de trein heen en weer tussen New York en Los Angeles, tussen zijn gescheiden ouders. Had hij in diezelfde periode in Europa gewoond, dan had hij op andere treinen naar andere bestemmingen gereden, zo bedacht hij zich vele jaren later. En daarmee doelt hij op de holocaust. Op de 'tape' zijn naast opnames van stoomfluiten en sirenes ook nog zo'n veertigtal stemfragmenten te horen die samen een verhaal vertellen, onder andere van de gouvernante van Steve Reich en enkele overlevenden van de holocaust. De delen heten: America - Before the war, Europe - During the war en After the war. Niet alleen is Reich een van de belangrijkste Amerikaanse componisten van de 20e eeuw, dit werk behoort tot de hoogtepunten in zijn oeuvre. Alleen door volleerde musici goed uit te voeren. Partijen. Graad 4-5.

Lees verder

‘Het is over’ van Harry Bannink en Annie M.G. Schmidt muzikaal ontleed

‘Het is over’ van Harry Bannink en Annie M.G. Schmidt muzikaal ontleed

Geschreven door John valk

In mijn vorige blog, Annie M.G. Schmidt, mijn muze, ging ik uitvoerig in op de muzikale onderbouwing van de tekst van ‘Vluchten kan niet meer’. Ik gaf toen aan een volgend artikel te wijden aan Het is over uit de musical Heerlijk duurt het langst uit 1967. Die keuze was min of meer onbewust gemaakt. Het eerste nummer is één van zijn bekendste stukken, en het tweede nummer is typerend voor de jaren zestig waarin echtscheiding en het bespreekbaar maken daarvan steeds minder als moreel verwerpelijk werd gezien. Een druppel op de plaat, deze twee liedjes, geput uit een repertoire van de meer dan 2000 liedjes die Harry Bannink componeerde, en waarvan die op teksten van Annie M.G. Schmidt misschien wel het meest tot de verbeelding spreken. Al wil ik daarbij niet voorbij gaan de uitzonderlijke kwaliteit van de teksten van onder andere Willem Wilmink en Hans Dorrestijn, die ook veel met Harry Bannink hebben samengewerkt.

Toonzetter

Bannink zag zichzelf zoals ik in mijn vorige blog aangaf meer als toonzetter dan als componist, toonzetter in de zin van teksten voorzien van een muzikale ondersteuning. Hij was ook kritisch op de aangeleverde teksten. De teksten van Annie zijn moeilijk op muziek te zetten, er zit geen regelmatig ritme in en vaak ontbreken rijmwoorden. Componist Harry Bannink kon hier als geen ander mee overweg. In tegenstelling tot het lied Vluchten kan niet meer bestaat er van Het is over geen officiële bladmuziekuitgave. 

Het is over

Ik ben voor de muzikale analyse uitgegaan van de toonsoort A kleine terts/ Am waarin Jenny Arean dit lied in onderstaande opnname op een onnavolgbare wijze vertolkt. Onvoldoende kennis van muziektheorie? Lees mijn blogs over Notenschrift en Toonladders en akkoorden

 

Wat me meteen opviel bij toen ik beide nummers, Vluchten kan niet meer en Het is over naast elkaar legde, dat ze in het muzikale basismotief gebruik maken van hetzelfde toonmateriaal. Harry Bannink houdt dit alleen ritmisch van elkaar afwijkende basismotief klein met minimale toonsafstanden, een dalende lijn van drie tonen binnen een kleine tertsafstand. Zijn melodievoering ligt dicht tegen die van de menselijke stem aan. Mooi zingerij, daar hield hij niet van.

(Klik op het driehoekje linksboven om de muziek bij het notenbeeld te beluisteren):

 

Er is hier bewust gekozen voor de kleine terts en niet een grote terts.  Harry Bannink zou drie maanden over dit lied hebben gedaan. Het stuk begint als een recitatief, bijna gesproken muziek, muzikaal ademend op de tekst.

 

De zangeres verwoordt wat de scheiding met haar doet en richt zich tevens tot de nieuwe geliefde van haar man. “T'is over ….Hij zegt me niets meer. Ik ben vrij. ’tis over hij doet me niets meer”. Op dat moment verandert de sfeer door de harmonische sprong in de begeleiding, niet naar een voor de hand liggende A grote terts, maar naar C#  grote terts als vijfde trap voor het F# akkoord op de tekst “En ik ben blij hij is voor mij alleen nog maar een heer”. Dat  F# akkoord is weer een vijfde trap voor het B grote terts akkoord op  “(een) heer”. De zin “En al die toestanden, dat hoeft niet meer” sluit het eerste couplet af om via een Dm akkoord met een prachtige tegenmelodie door de hobo in het arrangement voor orkest van Bert Paige op te lossen in een E7 akkoord op het woord “meer”, dat tevens de vijfde trap vormt voor en oplost in het beginakkoord A kleine terts/ mineur, de start van het het 2e couplet.

Dan begint de muziek te lopen met de tekst “Die man die thuiskwam, 's avonds laat” op een muzikaal motief dat zich een paar keer herhaalt in steeds langere uithalen met een begeleiding in A kleine terts afgewisseld door E7.  In dit couplet en de 4 coupletten hierna worden alle minder fraaie eigenschappen en ervaringen met de man opgesomd, afgewisseld door haar gelatenheid in de terugkerende zin “ze mag hem hebben”. De vierde keer lost de begeleiding met een E7 akkoord op bij het woord ‘hebben’ niet op in een  A kleine terts/mineur akkoord maar in een A grote terts. Dat klinkt muzikaal veel opener en versterkt nog eens extra het tevens bevrijdende gevoel van “ze mag hem hebben”. Dat A grote terts akkoord bepaald ook nog eens de begeleiding van het zesde couplet en vormt aan het slot van dit couplet “ze mag hem hebben”  de 5e trap, oplossend in een D akkoord, de 1e trap ten opzichte van A grote terts.

Dan volgt er een tussenzin “En al die reisjes naar Parijs..” op achtereenvolgens een B kleine terts/mineur en E7 akkoord. Er volgt een terugblik op gelukkiger tijden in het verleden, in Parijs. Dat wordt door de begeleidende instrumenten muzikaal gelijk ondersteund in de stijl van een Parijse musette accordeonwals. Hier houdt Bannink het qua muzikaal materiaal weer klein. Het zijn dezelfde tonen die het basismotief vormen als in het begin van het lied, maar nu in een grote terts setting …. Die mooie herinneringen duren maar één couplet. “Maar later ging hij zonder mij” zo slaat zij snel om in haar ontboezemingen.  Het couplet van drie regels en het volgende couplet van vijf regels “Hij  drinkt te veel..” verlopen qua begeleiding afwisselend in een D kleine terts/mineur en E7 akkoord. Melismatisch haalt Bannink even uit op de de tekst “Dan maar een fijn delirium”……

 

Je hoort vervolgens de muziek heftiger worden, de melodie is nu een lichte variatie op die van de tekst aan het begin “Die man die thuiskwam, 's avonds laat” nog steeds in de driekwarts maat van de wals wanneer ze zich tot de nieuwe geliefde van haar man richt: "Het valt niet mee hoor, mooie poes, je hebt er tact voor nodig, meid, nou leef je in een roze roes, maar dat gaat over mettertijd". Die heftigheid vertaalt zich direct een een dalende baslijn, in het gebeuk van de begeleiding op de tweede en derde tel van elke maat, een frequentere afwisseling van akkoorden.

 

Ook hier zijn het korte motieven die het melodisch verloop bepalen. Ze laat zich zó gaan in haar aanbevelingen voor de nieuwe geliefde dat ze zich ineens laat ontvallen: "Ik hoop maar dat je het verpest!" Dan komt ze weer bij zinnen : "...Wacht even. Waarom zeg ik dat? Wil ik hem terug?". De muziek staat dan ook weer even stil. De onderliggende begeleiding wisselt tussen een E7 en A kleine terst/mineur. De verbittering slaat direct weer toe in het volgende couplet: “Ik geef haar bitter weinig kans” muzikaal net zo heftig verbeeld als daarvoor in de begeleiding van een dreunende driekwarts maat. Tegelijk tekent ze hem helemaal uit “Hij is een kwetsbare figuur”, waar de begeleiding treffend even gas terugneemt.

Prachtig is de sprong naar haar kinderjaren: "Nu geef ik net als in mijn jeugd, mijn speelgoed aan een ander kind, hier is het...je mag het hebben." Met die laatste woorden keert ze muzikaal ook weer terug naar het begin. Het laatste couplet is muzikaal gezien een herhaling van het eerste couplet. Prachtig is de tegenmelodie in de hobo. Het creëren van treffende tegenmelodieën was een van de karakteristieke en sterke punten van Harry Bannink. De slotwoorden markeren de uitzonderlijke kwaliteiten, het gevoel voor drama, het psychologisch inlevingsgevoel van van Annie MG Schmidt: "Maar een ding vraag ik je: Maak het niet stuk."

Het resultaat mag er zijn

Was Bannink in de regel vlot met het muzikaal invullen van de teksten die hij toegestuurd kreeg, dit lied kostte hem 3 maanden tijd om te voltooien. Die tijd is hem denk ik gaan zitten in de opbouw van de muziek op een tekst die allerlei uiteenlopende fasen van menselijke gevoelens doorloopt. Het resultaat mag er zijn. Hij laat zowel de woorden als de muziek ademen en versmelten in een natuurlijke stemverheffing met een even natuurlijk ritmisch verloop. De melodievoering wordt bepaald door korte eenvoudige motieven. Ook harmonisch en qua tegenmelodieën voelt de muzikale begeleiding van de melodiezetting zowel passend als verrassend aan. Een meesterwerk, dat ook nu nog aanspreekt.

John Valk Specialist Media 

Lees de muzikale analyse van 'Vluchten kan niet meer' elders op deze blog:

  • Annie M.G. Schmidt, mijn muze (hier ook een lijst van alle bladmuziekuitgaven van het werk van Harry Bannink, alle te vinden in de collectie van Bibliotheek Rotterdam)

Weinig bekend met muziektheorie ? lees mijn blogs over:

Tip! Beluister de podcast van Gijs Groenteman in zijn speurtocht naar het geheim van de muziek van Harry Bannink. Hij gaat daarvoor in gesprek met zangers, producers, tekstschrijvers, muzikanten, die met hem samengewerkt hadden.  

Raadpleeg voor boeken, cd's, video's over het werk en leven van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink de catalogus van Bibliotheek Rotterdam

Uitgelicht:

Lees verder

De sound van de klassieken: Debussy

De sound van de klassieken: Debussy

Geschreven door John Valk

Wanneer behoor je als componist tot de top? Hoe weet een componist zich te onderscheiden ten opzichte van zijn collega's? Dat gebeurt in de regel door de muziek nét wat anders te laten klinken dan tot dan toe gebruikelijk is. Waar zit dat stukje afwijking of vernieuwing dan in? Aan de hand van de componeerstijl van Claude Debussy (1862 - 1918) geeft deze blog daar antwoord op. 

Ongelijkmatige ritmiek

Al luisterend naar de muziek van Claude Debussy lijkt het ritme gespeend van alle strakheid en regelmaat. Er lijkt meer sprake te zijn van ongelijkmatige ritmiek met onverwachte accenten. De variatie in muzikale kleur en de keuze van instrumenten lijkt belangrijker te zijn dan de melodie, waarvan de noten elke samenhang lijken te hebben verloren. Althans voor oren die hedendaagse populaire muziek en klassieke muziek van voor Debussy gewend zijn.

De inspiratie van Debussy

Melodisch verloop is vaak gekenmerkt door het gebruik van halve toonsafstanden, wat een grillig verloop geeft met onverwachte accenten. Debussy keek in het zoeken naar nieuwe muzikale uitdrukkingsvormen naar een andere vernieuwer in zijn tijd, namelijk Richard Wagner. Deze brak ook met traditionele vormen en was voor veel componisten uit zijn tijd en ook na hem een dankbare bron van inspiratie. Ook stond Debussy open voor vroege jazz en muziek uit het verre oosten, die voor het eerst te horen was voor een breed publiek tijdens een Javaans Gamalan-optreden tijdens de wereldtentoonstelling van 1889 in Parijs.

Spanningverloop en muzikale kleur

In een eerder artikel heb ik beschreven hoe de aard van het spanningsverloop en de muzikale kleur binnen een muziekstuk mede bepaald wordt door gebruikte tonen in het harmonisch verloop. Kijk bijvoorbeeld naar het begin van het Wilhelmus:

De melodie van dit  stuk maakt gebruik van de volgende toonhoogten:

De klassieke muziek tot ver in de 19e eeuw en de hedendaagse populaire muziek zijn op dit gebruik van tonen en samenklanken gebaseerd. Als je het Wilhelmus bewerkt op basis van tonen die een afstand hebben van één toon, dan gan deze tonen de bouwstenen vormen van de melodie en samenklank : 

 

 Het begin van het Wilhelmus klinkt dan alsvolgt: 

Impressionisme

Het gebruik van hele en halve toonsafstanden bewerkstelligt bij de luisteraar een ervaring van spanning en ontspannings/oplossing.  Door het gebruik van tonen die achter elkaar gezet in een reeks steeds een héle toon verschillen lijkt het muziekstuk meer te zweven zonder richtingsgevoel. Dat zie je terug in de muziek van Claude Debussy . Hij was de eerste, die bewust de hele toonstoonladder tot kenmerk maakte van zijn muzikale stijl. Luister naar een fragment uit het pianowerk "Voiles":

Juist door de sfeer van vaagheid en onbestemdheid die hiermee wordt opgeroepen is het niet vreemd dat Debussy verbonden wordt aan een verwante stroming in de beeldende kunst, die van het impressionisme. Niet alleen het gebruik van de hele toonstoonladder, maar ook het toepassen van pentatonische toonladders uit oude (volks)muziek en Chinese muziek in zijn opbouw van melodieen is kenmerkend voor deze muzikale stijl. Kijk en luister achtereenvolgens naar een fragment uit La fille aux cheveux de lin en een opsomming van de hierin gebruikte noten uit de pentatonische toonladder:

 

Complexiteit

Ook in de complexiteit van de samenklanken onderscheidde Debussy's muziek zich van die van zijn voorgangers en tijdgenoten. In het volgende voorbeeld beginnen we met eenvoudig akkoord, dat geleidelijk uitloopt in akkoorden, welke we in getransponeerde vorm terugvinden in stukken als La Cathedrale Engloutie of Clair de Lune uit de Suite Bergamasque:

 

Debussy gebruikte samenklanken en harmonie niet zozeer om structuur aan te brengen, maar meer om een bepaalde klankkleur te bewerkstelligen. Akkoorden hebben hierin in min of meer autonoom karakter, afwijkend van wat tot dan toe gebruikelijk was. Er valt nog veel meer te vertellen over welke vernieuwingen Debussy aanbracht in het muzikale gereedschap, zijn zoektocht naar nieuwe klanken, zoals het tegelijkertijd toepassen van twee toonsoorten, de invloed van de Javaanse Gamalan of de jazz in "Colliwog's Cakewalk". Daarin citeert hij tevens uit de opera Tristan en Isolde van de eerder genoemde inspiratiebron Richard Wagner.

Debussy in de collectie

Klik hier om gratis bladmuziek te downloaden van Claude Debussy. Voor piano, orkest en andere bezettingen.

Een greep uit boeken over Debussy die je kunt lenen bij Bibliotheek Rotterdam:

  • Monsieur Croche van Claude Debussy

    Artikelen van de Franse componist (1862-1918) over collega's en musici rond de eeuwwisseling, met name in Parijs.

  • Debussy door Luc Knödler

    Inleiding tot leven en werk van de Franse componist (1862-1918), met oeuvrecatalogus.

Lees verder

Muziek tijdens de bezetting

Muziek tijdens de bezetting

Geschreven door John Valk

Het is lastig voor te stellen wat nu het effect van concrete oorlogsomstandigheden en leven onder een buitenlandse bezettingsmacht zou zijn op muzikale beleving en voorkeur. De eerste wereldoorlog ligt ver weg in het verleden en Nederland was niet direct betrokken bij oorlogshandelingen. Kunstenaars, schrijvers en muzikanten uit de omringende landen maakten soms de verschrikkingen van deze oorlog van nabij mee. Ravel schreef zijn pianoconcert voor de linkerhand voor een pianist, die zijn rechterhand had verloren in het strijdgewoel. Henk van Gelder had een aantal jaren geleden al aandacht besteed aan een antwoord op de vraag “wat voor liedjes zong Nederland tijdens en na de tweede wereldoorlog”. Hij kwam daarbij tot de conclusie dat de liedjes vooral in het teken stonden van kop-op en houd-er-de-moed-maar-in.

De bevrijding als muzikale impuls

De omstandigheden waaronder gemusiceerd werd, varieerden van noodgedwongen spelen in een kamp tot het collaborerend zingen van antigeallieerde en antisemitische teksten. Tussen deze extremen werd het naar ontspanning hunkerende publiek gesust met liedjes, waarin het optimisme de boventoon voerde. De bezetting voedde waarschijnlijk ook het verlangen naar onbereikbare oorden. De snelle opkomst van het swingende Hawaian repertoire werd ook ingegeven door het verbod op jazz muziek. Liedjes, die verwezen naar betere tijden zoals ‘eens zal de betuwe in bloei weer staan’ en ‘als op het Leidseplein de lichtjes weer eens branden gaan’ waren ook in de bevrijdingstijd nog zeer populair. De bevrijding  gaf  een enorme impuls aan de populariteit van Engels/Amerikaanse muziek, ten koste van het Nederlandse lied. “Don’t fence me in” was een enorme hit.

Lid van de Kultuurkamer

De positie van de Nederlandse muzikant gedurende de oorlog werd voor een groot deel bepaald door het al dan niet lid zijn van de Kultuurkamer. Zonder dat lidmaatschap mocht hij niet in het openbaar optreden. Veel muzikanten waren van Joodse afkomst. Ik hoef niet uit de doeken te doen wat het lot van menig Joodse muzikant in de oorlogsjaren is geweest. Aan geallieerde zijde, bij de Amerikanen en Engelsen stond de muziek in het teken van swing, verdriet, geluk en patriotisme. De vijand kreeg er soms met een vleugje Engelse humor van langs met liedjes als “we’re going to hang out the washing at the Siegfried line".

En songs als “We’ll meet again” (zie Vera Lynn hierboven zingen voor de piloten van de Royal Air Force) appelleerden aan gevoelens van heimwee, gemis, verlangen in een tijd waar mannen massaal langdurig van huis waren om te vechten. Dat veroorzaakte hier weer een liedje als “Trees heeft een Canadees”. Het van oorsprong Duitse soldatenlied Lilly Marleen was zowel populair bij Duitse als geallieerde soldaten. Klassieke muziek kreeg, ingezet voor nieuwsuitzendingen een patriotistische of propagandistische betekenis. De regering in Ballingschap zond vanuit Engeland een radioprogramma uit onder de naam Radio Oranje. De herkenningstune bestond uit de eerste maten van de 5e symphonie van Beethoven. Gedacht in morsetekens stond het ritmisch verloop voor de V van Victory. De muziek van Wagner werd nog lange tijd geassocieerd met het Nationaal Socialisme.

Meer informatie

Via internet

  • Musicforce en De tweede wereldoorlog in muziek
    Een multimediaal informatiecentrum over de Tweede Wereldoorlog en muziek uit het toenmalige Koninkrijk der Nederlanden. Het muziekleven tijdens de oorlogsjaren, verboden muziek, muziek in de doorgangs- en vernietingskampen, spotliedjes, amusementsmuziek en propagandaliederen krijgen aandacht.

  • Website met teksten, melodieen, achtergrondinformatie van Duitse en Italiaanse soldatenliederen.

  • Kijk op Uitzending gemist naar de korte documentaire waarin Ela Weissberger, een van de weinige overlevenden uit de cast van 1943 van de kinderopera Brundibár, vertelt over haar tijd in Theresienstad , uitgezonden op zondag 4 mei 2014 bij de NOS.

Via boeken

Meer informatie in boeken te leen bij Bibliotheek Rotterdam of bij andere Bibliotheken via online aanvragen.

  • Frank Mehring: Soundtrack van de bevrijding; swingen, zingen en dansen op weg naar vrijheid.

  • Henk van Gelder/Jacques Kloters: Door de nacht klinkt een lied: amusement in Nederland 1940-1945.

  • 1940-1945: amusement en propaganda tijdens de bezetting (met 4 cd's).

  • Walter Boers: Eén volk, één lied; Joodse en Arische muziek in het Derde Rijk.

  • Joza Karas, Theodore van Houten: Muziek in Theresienstadt.

  • Co de Kloet: Trees heeft een Canadees.

  • Martin van Amerongen: Wagner: De buikspreker van God (over Wagner, zijn muzikale nalatenschap in relatie tot het Nationaal Socialisme).

  • Liel Leibovitz: Lili Marlene beschrijft de geschiedenis van het beroemde lied en biedt een uitzonderlijke invalshoek op het Duitse leven tijdens het naziregime.

Via bladmuziek / cd's

Bladmuziek en cd's met liedjes rond de 2e wereldoorlog te leen bij Bibliotheek Rotterdam.

  • Great songs of World War II

  • I'll be seeing you

  • Hawaiian muziek. Is een bladmuziekbundel.

  • Cd's met liedjes rond de 2e wereldoorlog te leen bij Muziekweb: Nederland bezet & bevrijd I en II.

  • Download gratis de bladmuziek van Eens zal de betuwe weer in bloei staan en The last post (onderdeel van de jaarlijkse dodenherdenking op 4 mei).

  • Beluister en download bladmuziek voor verschillende instrumenten en ensemblevormen van het Lied van de vrijheid op de website van het Nationaal Comité 4/5 mei.

Lees verder

Jonge kinderen verkennen geluiden en maken muziek op de tablet of smartphone

Jonge kinderen verkennen geluiden en maken muziek op de tablet of smartphone

Geschreven door John Valk

Op Youtube zijn talloze filmpjes te vinden met op tablets en smartphone surfende baby’s en peuters. Tikken en vegen lijkt een tweede natuur geworden te zijn. De baby is voor app-ontwikkelaars een belangrijke lucratieve doelgroep geworden. Daarbij wordt niet geschroomd te pas en te onpas educatieve kwaliteiten toe te schrijven aan de apps. Applicaties op zichzelf zijn natuurlijk niet educatief. De toegevoegde waarde zit in de manier waarop ze binnen de opvoeding worden ingezet naast, of als aanvulling op, andere activiteiten. Over verantwoorde beeldschermtijd bestaan nog geen onderzoeken met sluitende pedagogisch verantwoorde maatstaven (Volkskrant, 20 februari en Nu.nl).

Apps, voornamelijk voor de iPad

In de afgelopen jaren heb ik regelmatig aandacht besteed aan apps waarmee je als opvoeder jonge kinderen op een actieve manier geluiden van instrumenten kunt laten verkennen en op een eenvoudige manier muziekstukken kunt laten maken. Mijn speurtocht naar wat baby’s of peuters leuk zouden kunnen vinden aan min of meer muzikale apps voor tablets leidde tot het volgende lijstje. Bezitters van een Android gestuurde tablet of smartphone (bijvoorbeeld een Samsung) zullen wellicht teleurgesteld zijn. De meeste apps zijn alleen geschikt voor een iPad of iPhone. Kinderen worden aangespoord om via het aantikken van instrumenten, of door de tablet of smartphone te bewegen muziek te maken.

Aanbevolen wordt, mede omdat ze van Engelstalige makelij zijn, ze onder begeleiding of toezicht te gebruiken:

  • BabyConcert
    Geïnspireerd op de babyconcerten, kun je samen met je kind een wereld van muziek en geluid ontdekken. Aan de hand van 3 thema’s – zee, regen en jungle – komt er een scala aan liedjes, geluiden en soundscapes voorbij. Bovendien kun je liedjes nazingen, en zelfs opnemen. Voor baby''s vanaf 4 maanden samen met de ouders (recensie)

  • Loopimal (iPad - £2.99)
    Met deze app kun je kinderen op een speelse manier kennis laten maken met muzikale bouwstenen als beat, ritme, melodie, tempo, etc. en creëren muzikale patronen door het aaneenrijgen van muzikale blokken. Daarmee zetten ze gelijk dierfigueren in bewegingen, waardoor animatie en muziek met elkaar gekoppeld worden. 

  • Music Sparkles – Musical Instruments Collection (iPad - gratis)
    Kinderen maken op een aansprekende manier kennis met het bespelen muziekinstrumenten als xylofoon, trommels en raken daarmee vertrouwd met ritme, melodie, akkoorden, begeleiding, etc. 

  • Sesame Street Makes Music (iPad - £2.99)
    Muziek maken met Ernie, Elmo het Cookie monster op verschillende instrumenten om vooral te leren hoe ritme werkt. 

  • Musical Me! HD - by Duck Duck Moose  (iPad - gratis )
    Op een melodie als ‘altijd is kortjakje ziek’ leren kinderen spelenderwijs wat melodie, ritme is.

  • Baby dj
    De titel spreekt voor zich, bekijk het demofilmpje.

  • Toca band (Android , iPad)
    In deze app sleep je gekke muzikanten naar een bepaalde plek op het podium. Afhankelijk van waar ze opgesteld staan maken ze muziek, wat samen een grappig resultaat oplevert. Niet voor de allerjongsten, ook niet met een specifiek leerdoel, maar wel gewoon aansprekend en leuk digitaal speelgoed. 

  • Baby rattle (AndroidiPad)
    Een digitale rammelaar met bewegende kleurrijke figuren en geluiden.

  • Sound Touch (AndroidiPad)
    De app leert kinderen een verband te leren leggen tussen afbeeldingen van muziekinstrumenten, dieren, voertuigen, voorwerpen (360 in totaal) en de daarbij horende geluiden.

  • Monster Chorus (iPad)
    Tik op de monsters en laat ze zingen.

  • MorphWiz (iPad)
    Dit programma wordt aanbevolen in een Duits artikel. De 'Universität der Künstete' te Berlijn kent zelfs al enige jaren een ‘leerstoel’ „Appmusik – Formen musikalischer Praxis mit Apps” , welke zich richt op muziekesthetische en muziekpedagogische vragen, waarbij de onderzoeksresultaten zowel in het formele als niet formele onderwijs toepasbaar zijn. Voor wie de Duitse taal beheerst, lees een interessant artikel op de website van deze leerstoel dat ingaat op wat muzikale apps kunnen betekenen voor de ontwikkeling van peuters op de kleuterschool. Het artikel stamt uit 2016, maar is nog steeds actueel en in verkorte vorm voor iPad en iPhonebezitters ook als iBook vanuit de iTunes store te downloaden. Het uitgebreide artikel gaat onder andere in op pedagogische aspecten, hoe apps in het reguliere muziekonderwijs te integreren, welke bijdrage ze kunnen leveren aan het muzikale vorming, wat de technische uitdagingen zijn, muzikale apps als leermiddel of als experimenteel laboratorium.


Bovenstaande toepassingen zijn in de vorm van apps bedoeld voor tablets en smartphones, waarbij de functionaliteit van het aanraakscherm het onderscheid maakt met applicaties voor de standaard computer of laptop. Google houdt zich bezig met een flink aantal interactieve experimenten binnen haar webbrowser Chrome, o.a. met Chrome Music Lab. Song Maker maakt daar onderdeel van uit en is een leuke manier ook voor kinderen om zelf liedjes te leren maken. Je hoeft daarbij niets te installeren, het werkt zolang je maar binnen Chrome blijft.
Wil je meer weten over Song Maker, bezoek dan de website van Want.nl

Lees verder

Speciale zoekmachines voor muziek

Speciale zoekmachines voor muziek

Geschreven door John Valk

Iedereen overkomt het wel eens. Er zit een melodie in je hoofd en je komt maar niet op de naam. Google en ook andere zoekmachines bieden dan geen uitkomst. De afgelopen jaren zijn er zoekmachines voor muziek ontworpen, die werken op basis van audioinvoer. Dat wil weggen het inzingen van een melodie, muziek uit een speaker, of het ritmisch tikken van een melodie op de spatiebalk, of het inspelen van een melodie op een virtueel klavier. Apps als ShazamSoundhound en MusicID  werken alleen bij de input van bestaande officiële uitgaves van muzieknummers. Je houdt je smartphone bij de luidspeaker van de radio en deze apps geven aan om welk nummer het gaat en op welke cd deze terug te vinden is.

Midomi-app

Bij de app Midomi ben je zelf de geluidsbron, die de app laat zoeken naar de titel van het gezochte nummer. Onder het motto "click and sing or hum" lijkt Midomi met miljoenen nummers, klassiek en populair te beschikken over de meest uitgebeide database van muziekfragmenten met een link naar de muziekhandel. Gebruikers kunnen ook zelfgemaakte muziek insturen. De achterliggende techniek, Multimodal Adaptive Recognition System - oftewel MARS weegt bij de speurtocht naar het juiste nummer verschillende parameters - zoals patronen in toonhoogtewisseling, snelheidsvariaties, tekst en stiltes in de muziek - mee. De zoekmachine is gebouwd door het bedrijf Melodis, dat is opgericht door studenten van de Amerikaanse Stanford-universiteit. Midomi is ook geschikt voor de i-Phone. Klik hier voor een artikel over ervaringen met zoeken in Midomi en andere muzikale zoekmachines.

Musipedia

Musipedia beschikt over een breed spectrum aan invoermogelijkheden: via een virtuele piano, via de computermuis, of via een aangesloten microfoon of via zgn "contour based search" voor als je niet precies weet hoe de melodie verloopt of via ritmisch tikken op het toetsenbord.

Folktunefinder

Folktunefinder is een zoekmachine voor volksmuziek met een database van 200.000 melodieen. Toets hiervoor op de website zonder op het ritme te letten een paar tonen van de melodie in op een klavier of een viool/banjo toets en de zoekresultaten worden zichtbaar.

Watzasong

In Watzatsong kun je ook een zelf ingezongen of ingespeeld stukje muziek als vraag voorleggen aan de online community, verbonden aan deze applicatie.

Lees verder

Bladmuziek lezen op een speciale e-reader met dubbel scherm

Bladmuziek lezen op een speciale e-reader met dubbel scherm

Geschreven door John Valk

Bladmuziek lezen op een digitaal scherm is nog lang geen alom geaccepteerde gewoonte. Ik heb al eerder geschreven over de voor- en nadelen. Die hadden tot nu toe betrekking op tablets met lcd en de nieuwe amoled-schermen, die vergeleken met lcd een lager energieverbruik kennen, contrastrijker zijn, beter te bekijken zijn in een fel verlichte omgeving, sneller reageren. Langdurig kijken naar een dergelijk type scherm is vermoeiend voor de ogen. En dat is naast het zeer lage energieverbruik weer een voordeel van schermen gebaseerd op de zogenaamde e-ink techniek. Deze vind je standaard bij e-readers voor het lezen van teksten. Nadeel van deze schermen was tot nu toe de trage reactietijd bij het omslaan van pagina’s. Het vlot kunnen omslaan van bladmuziekpagina’s is cruciaal voor muzikanten. Een tablet, met uitzondering van die met grotere schermen rond de 12 inch, is vaak te gering van omvang om partituren op een prettige manier te kunnen lezen. Met de GVIDO lijkt daar verandering in te komen. Met een 13 inch dubbelscherm ziet deze e-reader eruit als een opengeslagen bladmuziekbundel.

GVIDO

Wat kun je wel en niet met deze reader? Ten eerste bladmuziek opslaan, intern (8GB), op micro-sdkaart en extern naar de GVIDO online cloud service, bladmuziek lezen, aantekeningen maken met een speciale pen, bladmuziek delen met geregistreerde gebruikers. Verder kun je er een voetpedaal (draadloos en via USB) op aansluiten voor het omslaan van de pagina's. Afgaande op de video hieronder lijkt de reactietijd bij het omslaan van de pagina's zeer acceptabel Het apparaat kan alleen overweg met bladmuziek in PDF formaat. Voordeel van het lezen van boeken op een e-reader in epubformaat is dat je de lettergrootte kunt aanpassen terwijl de pagina meeschaalt. Dat lukt niet met PDF. Ook heb je in tegenstelling tot een tablet externe verlichting nodig in een donkere omgeving. Als we de aankondiging op de website van GVIDO mogen geloven dan is de GVIDO reader vanaf september te koop in Europa. Er hangt wel een fors prijskaartje aan vast. Houd voorlopig rekening met een prijs van tenminste ongeveer €1600,-.

Bekijk het eerste filmpje voor de test van Goodereader. Het tweede filmpje is een demo van GVIDO zelf.
Een andere e-reader speciaal voor bladmuziek is de Good e-reader.

Lees verder

Annie M.G. Schmidt, mijn muze

Annie M.G. Schmidt, mijn muze

Geschreven door John Valk

Wie denkt aan liedjes als ‘Vluchten kan niet meer’ ‘Ja zuster, nee zuster’, zal daar misschien in eerste instantie de naam van Annie MG Schmidt aan vastkoppelen. De kracht van die liedjes zit vooral in de ijzersterke combinatie van tekst en muziek. ‘Mijn muze’ zo noemde componist Harry Bannink (1929-1999) haar. Annie M.G. Schmidt was waarschijnlijk zijn meest favoriete leverancier van teksten. De verjaardag van Annie M.G. Schmidt op 20 mei is een mooie gelegenheid om de samenwerking tussen hen onder de loupe te nemen. Ik wil me daarbij vooral richten op de onnavolgbare manier waarop Bannink haar teksten en gedichten van muziek voorzag.

Toonzetter

Harry Bannink was misschien wel de meest talentvolle liedjesschrijver die Nederland ooit heeft voortgebracht. Hij wist een constante kwaliteit te handhaven in een onwaarschijnlijk groot aantal van meer dan 3.000 liedjes die hij schreef op teksten van onder andere Annie M.G. Schmidt en Willem Wilmink. Bannink kon, zo liet hij zichzelf weleens ontvallen, geen teksten lezen zonder daarbij muziek te horen. De qualificatie ‘componist’ was volgens hemzelf dan ook niet echt van toepassing. Hij noemde zichzelf bij voorkeur ‘toonzetter’. Henny Vrienten, die in de laatste jaren tot aan zijn dood nauw met hem samenwerkte, vroeg Bannink eens, benieuwd naar het geheim van zijn gave, hoe hij nu eigenlijk te werk ging met het op muziek zetten van teksten. Het antwoord was misschien wel even voor de hand liggend als simpel: lees jezelf de tekst hardop voor, dan komt de muziek vanzelf.

De gave van Harry Bannink

Bij Bannink word je bij bijna elk lied gegrepen door de uitzonderlijke kwaliteit. Waar zit dat in? In ieder geval kun je stellen dat zijn muziek op een geheel eigen wijze geheel in dienst staat van de tekst. Deze volgt nauwgezet het natuurlijke ritme van de tekst, de adempauzes, de accenten, de natuurlijke stemverheffingen wanneer je de tekst zou voorlezen. En die teksten of gedichten hoefden voor hem niet in een strak kloppend metrisch schema verpakt te zijn, zoals bij Annie M.G. Schmidt vaak het geval was. Het was voor hem juist een uitdaging oplossingen te vinden voor onregelmatigheden en afwijkingen in het metrum van de tekst. Dat en de vaak rebelse ondertoon van haar teksten tekende de verwantschap tussen Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink.

Maar wat maakt zijn muziek afgezet tegen de pakkende teksten van bijvoorbeeld Annie MG Schmidt zo sterk? Wat een goede componist laat uitsteken boven de middelmaat, is denk ik, dat hij deels leunt op wat bij luisteraars min of meer bekend in de oren klinkt en daar op onverwachte momenten of wanneer de tekst daarom vraagt, net iets (bijna ongemerkt) van afwijkt, in metrisch, ritmisch en/of harmonisch opzicht. Dat zie je in bijna alle door Harry Bannink op muziek gezette teksten terug.  En je hoort ook wel eens, dat een lied pas sterk is als de melodie in je hoofd blijft hangen en als je het makkelijk na kunt zingen. Eenvoud is dan vaak het sleutelwoord, zo ook bij Bannink. Hoewel Bannink een begenadigd jazzpianist was, waar het gebruik van ingewikkelde akkoorden niet ongewoon is, gebruikte hij die over het algemeen niet in zijn arrangementen. De samenstelling van de akkoorden, die je hoort in zijn muziek,  is over het algemeen eenvoudig. De akkoordprogressies en omschakelingen naar andere toonsoorten klinken tegelijkertijd voor de hand liggend en verrassend.  

Vluchten kan niet meer

Om de kwaliteit van Banninks creativiteit in het muzikaal inkleden van een tekst proberen te omschrijven wil ik in deze blogs nader inzomen op ‘Vluchten kan niet meer’, het dramatisch hoogtepunt uit de musical 'En nu naar bed', op een tekst van Annie MG Schmidt. Ik wil niet beweren dat ik met deze analyse de kern van zijn uitzonderlijke vakmanschap raak. Ik hoop wel dat de muzikale ingrediënten en de voor hem zo typerende bereidingswijze enigszins blootgelegd te hebben.

Hieronder het gehele nummer 'Vluchten kan niet meer' gezongen door Frans Halsema en Jenny Arean:

 

Ik noemde net al het sleutelwoord ‘eenvoud’. Dat is naast muzikaal tekstbegrip zeker van toepassing op het lied ‘Vluchten kan niet meer’. In een korte instrumentale inleiding van vier maten herhaalt een kort motief zichzelf een paar keer binnen een Fm (F mineur/kleine terts setting).

 

De gebruikte noten keren in een andere melodieuze wending terug in het hierop volgende muzikale hoofdthema, ingezet door de twee zangers in een dalende melodieuze lijn van slechts drie noten As, G en F: Vluchten kan niet meer. Het onderliggende akkoord is Fm (F mineur/kleine terts, zie voor uitleg mijn blog Toonladders en akkoorden) en tegelijkertijd het grondakkoord in de gelijkname toonsoort. De twee stemmen zijn door het hele stuk heen volkomen gelijkwaardig. Een mineur/kleine terts-setting ligt ook voor de hand. Wij zijn zo ingesteld dat we muziek in een mineurtoonsoort meestal associëren met iets droevigs. Probeer die eerste zin maar eens binnen de tonen van een F majeur/grote terts akkoord te zingen; de tekst klinkt gelijk veel opener en dat wilde Bannink denk ik niet.

 

Dat geeft ook minder uiting aan de fatalistische ondertoon van de tekst. Misschien wat ver gezocht, maar Bach gebruikte aan het begin van de bekende aria uit de Mattheus Passion ‘Erbarme dich’, omgerekend naar deze toonsoort dezelfde vier noten. Kijk en luister naar het voorbeeld hieronder:

 

Na het statement met de tekst Vluchten kan niet meer’ stijgt de melodische lijn meer terug naar de begintoon van het hoofdthema, de Ab, oftewel de terts binnen de Fm-toonsoort, met de versterkende tekst ‘k Zou niet weten hoe’. Daarna gaat de 4/4-maat bijna ongemerkt over in een 3/4-maat met een akkoordwisseling van Fm naar het ver weg liggende Eb om de vraag ‘hoever moet je gaan' te ondersteunen. Daarin openbaart zich onder andere meesterschap, die subtiele muzikale verwerking van de tekst.

 

De toon van de tekst verandert vervolgens van het statement ‘vluchten kan niet meer’ en de vraag ‘hoever moet je gaan?' via een dominant C7-akkoord  naar Fm in een antwoord met onmogelijke soms tijdgebonden (ontbladeringslanden (Vietnam)) bestemmingen. Die dragen allemaal eenzelfde muzikaal motief met af en toe een kleine uithaal naar de hoogte. Bij ‘stranden’ lost de muziek via Bb7 op naar Eb onder ‘Hoe ver moet je gaan’ . Dan herhaalt hij het statement ‘Vluchten kan niet meer’ maar dan in een hele andere muzikale sfeer dan aan het begin, via C7 naar F. Die woorden klinken nu in een majeur/grote terts-setting veel opener dan aan het begin (Fmin/kleine terts). Hij verlaat even de aarde met de tekst ‘Zelfs de maan staat vol met kruiwagentjes en op Venus zijn instrumenten…’ door om te schakelen naar de majeur/grote terts toonsoort F. Dat geeft gelijk een heel andere sfeer. Ook vinden hier wat frequenter akkoordwisselingen plaats.

 

Na de tekst 'en op de aarde zingt de laatste vogel in de laatste lente' keert hij muzikaal gezien abrupt weer terug naar Fm in een 4/4-maatsoort, waarmee het begin nog eens wordt herhaald: ‘Vluchten kan niet meer ‘met de toevoeging van de ogenschijnlijk geruststellende tekst ‘schuilen alleen nog wel, schuilen bij elkaar’, dat muzikaal verbeeld wordt met weer een onderliggend mineur/kleine terts akkoord (Fm).


In de herhaling zien we dezelfde muzikale opbouw zoals ik hierboven heb geschetst. Mooi hoe Bannink tegen het eind in de maatwisseling van 4/4 naar 3/4, de melodie van de tekst ‘We maken ons eigen alternatiefje’ in triolen laat afspelen. Op die laatste tekstregel creëert hij een 5 maten durende spanning met de onderliggende dominant, een C7-akkoord om uiteindelijk op het basisakkoord Fm terug te keren.

 

Er volgen tot slot alleen nog de fatalistische, melancholieke en berustende woorden ‘vluchten kan niet meer’ in een einde aangevende opeenvolging van de slotmaten met respectievelijk een C7 en Fm akkoord (spanning-ontspanning). 

Oorspronkelijk had Annie MG Schmidt hier ‘Vluchten hoeft niet meer’ in gedachten. Nog vóór de premiere van de musical ‘En nu naar bed’, op het laatste moment veranderde zij dat nog. Vluchten hoeft niet meer, dat gaf nog hoop. “Ik vind dit zo kinderachtig. Het moet gewoon vluchten kán niet meer zijn’', vond Annie. Dat maakt het fatalistisch. Zangeres Jenny Arean reageerde geschokt: "Ik vond het verschrikkelijk, heb lopen janken in de gang boven Carré, maar wist dat ze gelijk had."   

Verder lezen 

  • Harry Bannink, toonzetter door Toon Ouwehand

    Eerbetoon aan Harry Bannink, de Nederlandse componist die liedjes schreef voor Willem Wilmink, Annie M.G. Schmidt en honderden liedjes voor Sesamstraat.

    Read more

  • Anna: het leven van Annie MG Schmidt door Annejet van der Zijl

    Anna is het meeslepende en inspirerende verhaal van een vrouw die in haar jeugd eigenlijk niets mee had, maar er toch in slaagde om alles uit haar leven te halen: Annie M.G. Schmidt. Op basis van een schat aan nieuw materiaal reconstrueerde Annejet van der Zijl de lotgevallen van de nog steeds immens populaire schrijfster: de hardnekkige zoektocht naar liefde, de onstuimige opgang tot ’s lands ‘schaduwkoningin’ en het roerige en soms inktzwarte persoonlijk leven achter de roem. Maar vooral wordt duidelijk hoe Annies humor en levensmoed door dit alles heen overeind bleef – tot letterlijk haar einde aan toe.

    Read more

Bladmuziek van Harry Bannink

Van de meer dan 3.000 liedjes die Harry Bannink schreef, is slechts een fractie uitgegeven op bladmuziek. Bibliotheek Rotterdam heeft door de jaren heen zoveel mogelijk proberen te verzamelen:

Tip! Beluister de podcast van Gijs Groenteman in zijn speurtocht naar het geheim van de muziek van Harry Bannink. Hij gaat daarvoor in gesprek met zangers, producers, tekstschrijvers, muzikanten, die met hem samengewerkt hadden.  

Liedtekst 'Vluchten kan niet meer'

Vluchten kan niet meer, 'k zou niet weten hoe
Vluchten kan niet meer, 'k zou niet weten waar naar toe
Hoe ver moet je gaan
De verre landen zijn oorlogslanden
Veiligheidsraadvergaderingslanden, ontbladeringslanden, toeristenstranden
Hoe ver moet je gaan
Vluchten kan niet meer

Zelfs de maan staat vol met kruiwagentjes en op Venus zijn instrumenten
En op aarde zingt de laatste vogel in de laatste lente

Vluchten kan niet meer, 'k zou niet weten waar
Schuilen alleen nog wel, schuilen bij elkaar
Vluchten kan niet meer
Vluchten kan niet meer

Vluchten kan niet meer, heeft geen enkele zin
Vluchten kan niet meer, 'k zou niet weten waarin
Hoe ver moet je gaan
In zaken of werk, of in discipline
In Yin of in Yang of in heroine
In status en auto en geldverdienen
Hoever moet je gaan
Vluchten kan niet meer

Hier in Holland sterft de laatste vlinder op de allerlaatste bloem
En alle muziek die overblijft is de supersonische boem

Vluchten kan niet meer, 'k zou niet weten waar
Schuilen kan nog wel, heel dicht bij elkaar
We maken ons eigen alternatiefje
Met of zonder boterbriefje
M'n liefje, m'n liefje, wat wil je nog meer
Vluchten kan niet meer
Vluchten kan niet meer

Lees verder

© 2019 - Bibliotheek Rotterdam

Voer uw gebruikersnaam / pasnummer en wachtwoord in.