Componeren, spelen, improviseren vroeger en nu

31 mei 2017

Componeren, spelen, improviseren vroeger en nu

Als we het hebben over historische figuren uit de klassieke muziek hebben we het altijd over componisten. We staan er niet bij stil dat Bach, Mozart, Beethoven in hun tijd naast componist juist ook beroemde vertolkers waren. Het toetsinstrument, dwz klavecimbel, klavichord, orgel of piano leende zich uitstekend voor solistische uitvoeringen. Dat we het nu over de componist Beethoven hebben is niet zo vreemd als we bedenken dat er van de vertolkingen niets bewaard is gebleven, geen opnames, alleen getuigenissen op papier, en partituren. En die partituren zijn niet altijd het resultaat van doorwrochte studeerkameroverpeinzingen. Ze kunnen ook een weerslag zijn van improvisaties , van ter plekke bedachte en uitgevoerde muziek. Zoals we nu vooral gewend zijn van jazzmusici.

 

Improviserende componisten

 

Componerenimpro1beethovenZo had Ludwig van Beethoven in 1808 geen tijd meer om een intro te componeren voor zijn Koraal Fantasie. Tijdens de premiere ging hij gewoon achter de piano zitten en schudde een intro uit zijn mouw. En daarvoor was Bach ook al gewend om te improviseren tijdens kerkdiensten. Ook de drijfveer om te imponeren op het podium zetten componisten als Beethoven, Mozart, Liszt aan tot muzikale improvisatie. Dat hield niet in dat ogenschijnlijk spontane muzikale uitingen altijd gebaseerd waren op ter plekke ingegeven muzikale ideeen. Pianist/componisten als Frederic Chopin en Robert Schumann waren in de studeerkamer minitieus bezig met het uitwerken en op papier zetten van muzikale ingevingen. Dat weerhield Chopin er niet van zijn leerlingen aan te moedigen zijn werken toch vooral steeds anders te spelen. Chopin zocht de schaarse keren dat hij optrad het liefst het intieme podium van de salon op en hij improviseerde voortdurend op zijn eigen werk. Van zijn Nocturne opus 9, nr.2 zijn liefst 17 verschillende versies bekend!

Tijdens de romantiek begon die vruchtbare band vertolker componist, verenigd in één persoon langzamerhand minder voor de hand te liggen. Daarmee verdween langzaam ook het improvisatie element naar de achtergrond.


Componerenimpro2Dirigenten waren aanvankelijk ook bekend als componist.

Mozart dirigeerde en speelde zijn pianoconcerten tegelijkertijd, en Mahler was zowel dirigent als componist, maar latere dirigenten van het klassieke orkestrepertoire legden zich uitsluitend op het vak van dirigeren toe, uitzonderingen als Leonard Bernstein nagelaten. En in het streven dicht bij de bedoelingen van de componist te blijven horen we in de uitvoering van klassieke werken nooit iemand improviseren. Al waren de pianisten Ignace Paderewski en Josef Hofman in de eerste helft van de vorige eeuw nog meesters in het ter plekke bedenken van voorspelen en overgangen. Maar geleidelijk aan werd elke genoteerde noot heilig, zeker naarmate de gepeelde stukken steeds meer in het verleden kwamen te liggen. Van hedendaagse klassieke muziek is weinig te merken in de doorsnee concertprogrammering. Hedendaagse uitvoeringen zijn een letterlijke weerslag van wat de partituur aangeeft. Zelfs stukken uit de Barok, waarin van de begeleiding oorspronkelijk alleen de zogenaamde becijferde bas werd genoteerd (een soort jazzrealbook voor de Barok),  verschenen in een geheel uitgewerkte partituurversie. Zelfs in de cadenzen van piano- of vioolconcerten, het moment bij uitstek voor improvisatie, grijpt de solist vaak terug naar in notenschrift vastgelegde bestaande improvisaties.

 

"Klassieke" Orgelmuziek vormt  een uitzondering als het gaat om hedendaagse improvisatie.

dat heeft vooral praktische oorzaken: als organist moet je steeds spontaan kunnen reageren op wat er in de dienst gebeurt en elk orgel, elke kerk heeft zijn eigen klankeigenschappen en akoustiek. Vroege bronnen in de vorm van eenstemmige muzieknotaties, bijvoorbeeld bij de middeleeuwse Troubadours suggereren een eenstemmige uitvoering. Afgaanda op a.o. afbeeldingen uit die tijd doen vermoeden dat er in de regel meer instrumenten en stemmen speelden of improviseerden rond die eenstemmige melodie.

 

Het vermogen om te improviseren op een melodie, op een thema, vraagt van de muzikant tegelijkertijd fantasie en discipline en de bereidheid om daarin te communiceren met het luisterende publiek. Eigenlijk brengt een meer improviserende benadering de muziek dichter bij de luisteraar. Als jazzpianist Oscar Peterson in 1800 had geleefd, dan zou zijn nalatenschap waarschijnlijk louter uit bladmuziekuitgaven hebben bestaan. En wellicht zouden we dat dan steeds keurig volgens de gegeven noten hebben gespeeld. Improvisaties van hedendaagse jazzmusici vastleggen in bladmuziek heeft iets tegenstrijdigs in de zin dat je tijdens een uitvoering nooit precies reeds uitgevoerde improvisatie exact gaat imiteren. Dat is vaak ook bijna onmogelijk. Wel hoor je jazzmusici soms bestaande improvisaties van collega muzikanten citeren. In de solos van saxofoniste Candy Dulfer hoor je vaak muziek van John Coltrane terug.

Hier een opname van het trio van Bud Powell improviserend op het nummer 'Anthropology':

Bladmuziek (leadsheet) van Anthroplogy melodielijn met bijbehorende accoorden

Componerenimproblmanthro

Bibliotheek Rotterdam beschikt over een groot aantal uitgaven van genoteerde uitgaven van zowel cadenzen van viool en pianoconcerten als jazzsolo’s van bekende jazzmusici, voor gitaar, piano, saxofoon, klarinet, trompet, trombone.

 

 

 

Deze transcripties kunnen, naast het beluisteren van opnamen, voor muzikanten van nu prima als inspiratiebron dienen om te leren improviseren en een eigen stijl daarin te ontwikkelen.  

Volg nauwgezet het notenbeeld van een improvisatie door saxofonist John Coltrane op de melodie van 'Giant Steps':

 

Het Scroll ensemble is gespecialiseerd in uitvoeringen van klassieke muziek, waarin improvisatie een vast onderdeel vormt.

Bach was een van de beroemdste improvisatoren uit zijn tijd. In de Goldberg variaties neemt hij een aria als beginsel voor dit wonderlijke werk. The Scroll Ensemble begint met diezelfde aria en improviseert een gigue. Kijk en luister naar James Hewitt, Robert de Bree, Iason Marmaras en Florencia Bardavid in het Escher Museum te Den Haag (December 2013). 

Melchior Huurdeman ontvangt in het programma Vrije Geluiden 8 mei 2016 Michael Gees & Anna Lucia Richter, Lula Pena en het Ragazze Quartet & Kapok. Klassieke muziek en improviseren lijken niet samen te gaan maar dat vindt pianist Michael Gees onzin. Op zijn cd 'ImproviSatie' improviseert Michael Gees en dat doet hij voortreffelijk. Zo nu en dan verstild, dan weer jazzy en staccato met wilde dissonanten. Het bijzondere aan zijn geïmproviseerde vertolking is dat hij probeert volledig in de geest van componist Erik Satie te blijven:.


 

  Een paar voorbeelden uit de collectie van Bibliotheek Rotterdam:

- Een bizondere uitgave is de serie met improvisaties van saxofonist John Coltrane: “The Works of J.C.” Bijna een must voor iedereen die wil leren improviseren in jazz is het boek van Hal Galper, 'Forward motion: from Bach to bebop: a corrective approach to jazz phrasing

- Keith Jarrett : The Köln Concert , het hele concert uitgeschreven in noten. De cdopname is te leen bij Bibliotheek Rotterdam  

John Valk

1000 Resterende tekens