Hoe het genoteerd staat en hoe het klinkt

24 apr 2018

Hoe het genoteerd staat en hoe het klinkt

Het geluid van de klarinet, trompet en saxofoon klinkt anders dan de notatie op bladmuziek. Deze blog legt je uit hoe dat komt. 

Bij blaasinstrumenten bepalen lengte en dikte van de buis mede de toonhoogte. Door het aanbrengen van gaatjes en het dichtdrukken van bepaalde gaatjes verandert de lengte van de buis en dus ook de voortgebrachte toonhoogte. Van bepaalde instrumenten bestaan er zogenaamde families, een verzameling van hetzelfde instrument met verschillende lengtes en dus verschillende tonen. Een bekend voorbeeld is de familie van de saxofoon, variërend van de kleine sopraansax met een hoog toonbereik tot de grote baritonsax met een laag toonbereik.

Hoehetgenoteerd2

Om een bepaalde toonhoogte voort te brengen moet er een patroon van gaatjes dichtgedrukt worden in de buis van het instrument (zie de afbeelding hierboven). Omdat de familieleden van bijvoorbeeld de sax niet allemaal even lang zijn, en dus andere tonen poduceren, moeten ze voor dezelfde toon andere grepen nemen. Eenzelfde greep bij de instrumenten van de familie van de sax veroorzaakt, vanwege verschillende buislengte, tonen met eensteeds andere toonhoogte. Om de muzikant tegemoet te komen is ervoor gekozen de grepen ten opzichte van een genoteerde toon gelijk te houden.

Dit kan alleen door de notatie van de afzonderlijke tonen aan te passen. Kijk en luister naar een overzicht van notatie en werkelijke klank (of beter gezegd werkelijke toonhoogte) bij de familie van de saxofoons:

Andere blaasintrumenten met een notatie die verschilt van de werkelijke toonhoogte zijn de klarinet (in Eb of Bb), de trompet (in Bb) , trombone (in Bb). 

Ga naar de catalogus van Bibliotheek Rotterdam voor boeken, bladmuziek, methoden op DVD over blaasinstrumenten of kom naar de 4e verdieping van de Centrale bibliotheek om te snuffelen in deze collectie.

Uitgelicht:

TipboekblaasinstrumentenTipboek trompet en trombone, bugel en kornet, door  Hugo Pinksterboer.

Een beknopt maar allesomvattend naslagwerkje (in handzaam formaat) voor koperblazers. De gids bevat onder meer koopadviezen, een overzicht van de verschillende merken, testtips, uitleg van de speelwijze en onderhoud van de instrumenten. Er zijn afzonderlijke hoofdstukken over mondstukken en dempers; over de geschiedenis van de besproken koperblaasinstrumenten en andere 'familieleden' (hoorn, bariton, tuba). Verder wordt kort uiteengezet hoe een koperblaasinstrument gefabriceerd wordt en van welk materiaal de instrumenten gemaakt worden. Van nut zijn de vele tips en aanbevelingen die in het boekje worden gegeven, bijvoorbeeld hoe het aan te pakken als je les wilt gaan nemen, een tweedehands instrument wilt gaan kopen, welke interessante internetadressen er zijn. Achterin is een 'koperblazerswoordenboek' opgenomen waarin allerlei begrippen beknopt worden verklaard en dat tevens dienst doet als register. De gids is vooral bedoeld voor hen die besluiten een koperblaasinstrument te gaan spelen of nog niet zo lang spelen. Met zwart-witillustraties en kleurenkatern. Eerder verschenen vergelijkbare gidsjes over viool/altviool, saxofoon, keyboard, akoestische gitaar, piano en drums.

 

 

John Valk

1000 Resterende tekens